Seneca – Tacitus�examenonderwerp Latijn 2008
1
Of toch niet?
Eerst effe …
Seneca
Achtergronden - persoon
3
Achtergronden - werk
4
Achtergronden – filosofie (1)
5
Achtergronden – filosofie (2)
Het begrip natura, alles wat met de zichtbare werkelijkheid samenhangt (de ons omringende werkelijkheid met daarin mensen, dieren, planten en dingen) speelt een hoofdrol in de stoïcische filosofie. Hier zit een aangeboren sturend beginsel aan vast; de wereldrede, die het goede tot doel heeft en eeuwig en onwrikbaar is. De stoïcijnen geloven in een Intelligente Natuur die weet waar ze naartoe wil. Dus toeval bestaat niet. Alles loopt in harmonie. De wereldratio heeft in de gehele werkelijkheid een systeem en ordening aangebracht. De kracht van de Ratio manifesteert zich op verschillende niveaus.
6
Achtergronden – filosofie (3)
7
Achtergronden – filosofie (4)
8
Achtergronden – filosofie (5)
9
Tekst 01: De Clementia
10
Tekst 02a: Vriendschap
11
Tekst 02b: Vriendschap
12
Tekst 02c: Vriendschap
13
Tekst 02d: Vriendschap
14
Tekst 02e: Vriendschap
15
Tekst 02f: Vriendschap
16
Tekst 02g: Vriendschap
17
Tekst 03a: De ware vreugde
18
Tekst 03b: De ware vreugde
19
Tekst 03c: De ware vreugde
20
Tekst 03d: De ware vreugde
21
Tekst 04a: Het goddelijke in de mens
22
Tekst 04b: Het goddelijke in de mens
In unoquoque virorum bonorum
(quis deus incertum est) habitat deus.
In elk van de goede mannen ‘woont een god (welke god, is onzeker)’.
23
Tekst 04c: Het goddelijke in de mens
24
Tekst 04d: Het goddelijke in de mens
25
Tekst 04e: Het goddelijke in de mens
26
Tekst 04f: Het goddelijke in de mens
27
Tekst 04g: Het goddelijke in de mens
28
Tekst 04h: Het goddelijke in de mens
29
Tekst 04i: Het goddelijke in de mens
30
Tekst 05a: Slaven zijn mensen
31
Tekst 05b: Slaven zijn mensen
32
Tekst 05c: Slaven zijn mensen
33
Tekst 05d: Slaven zijn mensen
34
Tekst 05e: Slaven zijn mensen
35
Tekst 05f: Slaven zijn mensen
36
Tekst 05g: Slaven zijn mensen
37
Tekst 05h: Slaven zijn mensen
38
Tekst 05i: Slaven zijn mensen
39
Tekst 05j: Slaven zijn mensen
40
Tekst 05k: Slaven zijn mensen
41
Tekst 06a: Bang voor de dood?
42
Tekst 06b: Bang voor de dood?
43
Tekst 06c: Bang voor de dood?
44
Tekst 06d: Bang voor de dood?
45
Tekst 06e: Bang voor de dood?
46
Tekst 06f: Bang voor de dood?
47
Tekst 07a: Leg je neer bij je lot.
48
Tekst 07b: Leg je neer bij je lot.
49
Tekst 07c: Leg je neer bij je lot.
50
Tekst 07d: Leg je neer bij je lot.
51
Tekst 08a: De onaantastbare wijze.
52
Tekst 08b: De onaantastbare wijze.
53
Tekst 08c: De onaantastbare wijze.
54
Tekst 08d: De onaantastbare wijze.
55
Tekst 08e: De onaantastbare wijze.
56
Tekst 08f: De onaantastbare wijze.
57
Tekst 08g: De onaantastbare wijze.
58
Tekst 09a: Geen aanstoot geven!
59
Tekst 09b: Geen aanstoot geven!
60
Tekst 09c: Geen aanstoot geven!
61
Tekst 09d: Geen aanstoot geven!
62
Tekst 10a: Dank de machthebbers!
63
Tekst 10b: Dank de machthebbers!
64
Tekst 10c: Dank de machthebbers!
65
Tekst 10d: Dank de machthebbers!
66
Tekst 10e: Dank de machthebbers!
67
Tijd voor …
Tacitus
Achtergronden - persoon
69
Achtergronden - werk
70
Keizertijd
71
72
Bij het Julische-Claudische huis
73
Tekst 11a: Nero, moeders liefste?
74
Tekst 11b: Anicetus, misdaadtalent?
75
Tekst 11c: Anicetus’ plan mislukt.
76
Tekst 11d: totaal mislukt zelfs
77
Tekst 11e: Blond zeker, Acerronia
78
Tekst 11f: Nero in paniek
79
Tekst 11g: Nero’s adviseurs
80
Tekst 11h: Goede raad is duur
81
Tekst 11i: Agerinus is de Sjaak
82
Tekst 11j: Agrippina leeft: jippie!!
83
Tekst 11k: Agrippina nerveus
84
Tekst 11l: Agrippina lek/dood
85
Tekst 12a: Nero’s versie
86
Tekst 12b: Nero’s versie, part two
87
Tekst 12c: Seneca de pineut?
88
Tekst 12d: Even vragen aan Seneca
89
Tekst 12e: Seneca’s antwoord
90
Tekst 12f: Die wil nog niet dood, nóg.
91
Tekst 12g: Okee, ‘n testament dan
92
Tekst 12h: och, arme Seneca
93
Tekst 12i: samen uit, samen thuis
94
Tekst 12j: Seneca lukt het niet
95
Tekst 12k: Paulina, saved by the bell
96
Tekst 12l: Seneca, hè, hè
97
Stilistica (1)
98
Stilistica (2)
99
Stilistica (3)
100
Stilistica (4)
(a b : b a)
101
Stilistica (5)
102
Stilistica (6)
103
Stilistica (7)
* Tekst op volgende pagina: ontdek de analogie…
104
Flappie (Youp van ‘t Hek)
Het was kerstochtend 1961, ik weet het nog zo goed
Mijn konijnenhok was leeg
En moeder zei dat ik niet in de schuur mocht komen
En als ik lief ging spelen
Dat ik dan wat lekkers kreeg
Zij wist ook niet waar Flappie uit kon hangen
Ze zou het papa vragen, maar omdat hij bezig was
In het fietsenschuurtje, moest ik maar een uurtje
Goed naar Flappie zoeken, hij liep vast wel ergens op het gras
refrein
Maar ik had het hok toch goed dichtgedaan
Zoals ik dat elke avond deed
Ik was de vorige avond zelfs nog teruggegaan
Ik weet ook niet waarom ik dat deed
Ik had heel lang voor het hok gestaan
Alsof ik wist wat ik nu weet
Het was eerste kerstdag 1961, wij naar Flappie zoeken
Vader, die zocht gewoon mee
Bij de bomen en het water, maar niet in dat fietsenschuurtje
Want daar kon 'ie toch niet zitten en ik schudde nee
We zochten samen, samen tot de koffie, de familie aan de koffie
Maar ik hoefde niet
Ik dacht aan Flappie en dat het 's nachts heel koud kon vriezen
Mijn hoofdje stil gebogen, dikke tranen van verdriet
refrein
Het was eerste kerstdag 1961, er werd luidruchtig gegeten
Maar dat deed me niet zoveel
Ik dacht aan Flappie, mijn eigen kleine Flappie
Waar zou 'ie lopen, geen hap ging door mijn keel
Toen na de soep het hoofdgerecht zou komen
Sprak mij vader uiterst grappig: "kijk Youp daar is Flappie dan"
Ik zie de zilveren schaal nog en daar lag hij in drie stukken
Voor het eerst zag ik mijn vader als een vreselijke man
Ik ben gillend en stampend naar bed gegaan
Heb eerst een uur liggen huilen op de sprei
Nog een keer scheldend boven aan de trap gestaan
En geschreeuwd "Flappie was van mij"
Ik heb heel lang voor het raam gestaan
Maar het hok stond er maar verlaten bij
Het was tweede kerstdag 1961, moeder weet dat nog zo goed
Vaders bed was leeg
En ik zei dat zij niet in de schuur mocht komen
En als ze lief ging spelen
Dat ze dan wat lekkers kreeg
105
Stilistica (8)
106
Stilistica (9); verteltechniek
107
Stilistica (10); verteltechniek
108