1 of 39

Jeugdbeleid – onze visie

  • Trainingen
  • Wedstrijden
  • Vragen

Classification: Internal Use Only

2 of 39

Trainen: hoe zo?

Classification: Internal Use Only

3 of 39

Opleidingen bij Vlaamse Trainer School

  • Opleidingen
      • Start 2 Coach (4)
      • Initiator Atletiek (8)
      • Instructeur B (1)
      • Trainer C Meerkamp (3)
      • (Trainer B & A) (1)
      • Bachelor/Master LO (2)

(Tussen haakjes het aantal gediplomeerde jeugd-trainers bij AS Rieme KAN-BEN-PUP-MIN.)

Classification: Internal Use Only

4 of 39

LTAD-model�Long Term Athlete Development

  • Raamwerk voor de optimale ontwikkeling van sporters gedurende hun hele leven
  • Nadruk op training, wedstrijd en herstel op basis van de biologische leeftijd.

Classification: Internal Use Only

5 of 39

De 7 fasen van het LTAD-model

Classification: Internal Use Only

6 of 39

De 7 fasen van het LTAD-model

  1. Actieve start (0-6 jaar): basisbewegingen: lopen, springen, werpen, vangen, ….
  2. FUNdamentals (6-9 jaar) / kan-ben: brede motorische vaardigheden: behendigheid, balans, coördinatie en snelheid
      • Worden voor 90% aangeleerd via speelse oefenvormen en spelen
      • Er wordt ook tijd gemaakt voor de wedstrijdvorm.
  3. LEARN TOT TRAIN (9-12 jaar) / pup-min: aanleren van sport-specifieke vaardigheden zonder te vroege specialisatie.
      • Elke jeugdatleet wordt aanzien als een meerkamper.
      • Alle jeugdatleten trainen alle disciplines.
      • Dit zorgt voor een sterke, algemene basis.

Classification: Internal Use Only

7 of 39

  1. Train to train (12-16 jaar): cadet/scholier: focus op de fysieke opbouw: primair zijn coördinatie, mobiliteit en maximale snelheid dan volgt uithoudingsvermogen, kracht tijdens de groeispurt

  1. Train to compete (16-23 jaar): junioren/beloftes: specialisatie in één sport of in één discipline met de focus op wedstrijdgerichte training

  1. Train to win (19+ jaar): optimalisatie van prestaties om op het hoogste niveau te winnen

  1. Active for Live: behouden van een actieve levensstijl, recreatief of competitief

Classification: Internal Use Only

8 of 39

Opbouw van een training

  • Opwarming volgens het RAMP-principe

Raise (verhogen): Je verhoogt je hartslag en lichaamstemperatuur

bijv. rustig lopen, tikspel, touwtje lopen

Activate (activeren): Je zet je belangrijkste spieren aan die je straks nodig hebt.

bijv. bilspieren activeren, arm- en beenbewegingen

Mobilise (mobiliseren): Je maakt de gewrichten en spieren beweeglijker.

bijv. heupcirkels, beenzwaaien, dynamische rekoefeningen

Potentiate (klaarmaken voor de prestatie): Je bereidt je lichaam voor op de echte inspanning.

bijv. korte sprintjes, sprongen, versnellingslopen

Classification: Internal Use Only

9 of 39

Kern van de training

  • bijna elke training: 2 disciplines

* loopnummer: aflossing, spurt, startblok, reactie, uithouding, horden

* kampnummer: werp- of springnummer

Classification: Internal Use Only

10 of 39

Waarom wordt op training niet altijd de wedstrijdvorm geoefend?

  • Elke discipline wordt STAP voor STAP ingeoefend.
  • Elke discipline kent deelaspecten die afzonderlijk worden ingeoefend.

voorbeeld bij hoogspringen

aanloop

afzet

overschrijding van de lat

landing

Zo kan er een ‘aanlooptraining’ op het programma staan waar atleten oefenen op het oefenen in bocht lopen.

Classification: Internal Use Only

11 of 39

Waarom trainen onze jeugdatleten voor alle disciplines, ook al hebben ze een bepaalde voorkeur?

Ons doel: een zo veelzijdig mogelijk ontwikkelde atleet afleveren.

Daar heeft een atleet zijn hele leven baat bij, ook al volgt er vanaf cadet/schol eventueel een specialisatie.

Een goed ontwikkelde atleet met een sterke coördinatieve basis heeft minder kans op blessures.

Belang van 2-zijdigheid.

Classification: Internal Use Only

12 of 39

Hoe wordt een training opgesteld?

  • Wij maken gebruik van de technische leerlijnen van Atletiek Vlaanderen.
      • Per discipline
      • Stapsgewijs (per categorie en dan nog 1e / 2e jaar afzonderlijk)
      • De tussenstappen worden frequent herhaald (zelfs nog bij SEN/MAS categorie)
      • Per leerlijn worden een aantal oefeningen aangeboden.

Classification: Internal Use Only

13 of 39

Classification: Internal Use Only

14 of 39

Hoe vaak komt een discipline aan bod?

  • Grote variatie aan disciplines in onze sport.
  • Doel: elke discipline komt in een 6-wekelijks schema zowel op maandag als op woensdag minstens 1x aan bod.
  • Dit schema wordt zo veel mogelijk gevolgd.
  • Afhankelijk van het weer: kleine wijzigingen

Classification: Internal Use Only

15 of 39

Algemene principes

  • Elke atleet groeit volgens het eigen ritme.
  • Een jeugdatleet is geen mini-volwassene. Trainingstechnieken voor volwassen kunnen en mogen niet toegepast worden op jeugdatleten.
  • Atletiek = laatspecialisatiesport.
  • Bijtrainen is niet de bedoeling! Kan leiden tot snelle prestaties op korte termijn, maar ook tot groter risico tot zowel mentale als fysieke problemen en drop out op langere termijn.
  • Wat kan wel? miniemen in een wedstrijdvrij weekend: een duurloop van 5km in een rustig babbeltempo + enkele versnellingen.
  • Hoe meer diversiteit (verschillende oefeningen): sterkere en betere atleet.

Classification: Internal Use Only

16 of 39

De 10 jaren of 10000 uren regel

Tabel van Tillinger

Classification: Internal Use Only

17 of 39

Cooling down

  • Bij jeugdatleten: niet noodzakelijk of aanbevolen. Geen fysieke meerwaarde.
  • Reden: Jeugdatleten bewegen na de training meestal nog spontaan.

  • Biedt wel structuur ter afsluiting van de training/wedstrijd, en ‘jong geleerd is oud gedaan’.

Classification: Internal Use Only

18 of 39

Waarom worden onze atleten niet specifiek voorbereid op een kampioenschap?���

  • Bij de jeugd werken we in principe niet met periodisering. D.w.z.: we trainen een gans jaar door op alle disciplines en werken in het algemeen niet toe naar een bepaalde wedstrijd.
  • Een wedstrijd is een middel om

- atletiekplezier te ervaren

- de eigen vooruitgang te ervaren

- te leren omgaan met winst en verlies

  • Een wedstrijd is op de leeftijd van kan/ben/pup/min geen doel op zich, maar een deel van de ontwikkeling.

  • Het resultaat van een wedstrijd is daarom van ondergeschikt belang. Plezier daarentegen is van groot belang.

Classification: Internal Use Only

19 of 39

Wat is het verschil tussen de maandag- en de woensdagtraining?

  • Op woensdag: alle atleten welkom
  • Op maandag: voor alle wedstrijdatleten = atleten die minstens deelnamen aan
              • tot 1 jan: 5 wedstrijden
              • tot 1 april: 7 wedstrijden
              • op één jaar: 10 wedstrijden

De maandagtraining is technischer.

Classification: Internal Use Only

20 of 39

Opbouw trainingen doorheen de tijd

Pup tot 2x/w

Min tot 3x/w (extra werptrainingen, vanaf 2de jaars miniem kan er ook 1x/week aangesloten worden bij de discipline-trainers)

Cad tot 4x/w

Schol tot 5x/w

Jun tot 6x/w

Classification: Internal Use Only

21 of 39

De woensdagtraining lijkt soms meer een speeltraining. Leert mijn kind daar wel genoeg?

  • Jazeker!
  • Via spelvormen: inoefening van veel (deel)bewegingen uit de verschillende disciplines.
  • Deelbewegingen worden veel vaker en meer gevarieerd ingeoefend en dus ook geautomatiseerd.
  • De kinderen leren onbewust veel bij.
  • Spelletjes zijn doordacht en doelgericht opgebouwd.
  • Voorbeelden

Classification: Internal Use Only

22 of 39

Mijn kind klaagt dat hij/zij te weinig op wedstrijddisciplines traint. Hij komt niet veel aan de kogelstand of de hoogspringmat.��

  • Zoals eerder vermeld: veel inoefening via spelvormen / speelse oefenvormen en inoefening van de deelbewegingen.
  • Onderscheid voor jonge kinderen: niet altijd vanzelfsprekend. Daarom: bij de verschillende oefeningen/spelen: trainers geven duiding over het doel. Voorbeeld: zo ver mogelijk springen vanuit driepuntshouding – oefening krachtig te ‘duwen’ – oefening voor startblok
  • MAAR ook de exacte wedstrijdvorm komt aan bod. Dit geeft vertrouwen.

Classification: Internal Use Only

23 of 39

Mijn kind vindt het verwarrend dat sommige techniek/deelbewegingen niet door elke trainer op een zelfde manier worden uitgelegd.

  • Elke trainer beoogt de zelfde ‘eindtechniek’.
  • De weg er naar toe kan soms anders verlopen.
  • Elke trainer legt andere nadrukken, heeft z’n eigenheid, en/of heeft eigen taalgebruik (voorbeeld – vb. trucjes). Dit is over het algemeen een meerwaarde!
  • Fundamenteel verschilt de aangeleerde techniek echter niet.

Classification: Internal Use Only

24 of 39

Wedstrijden

Classification: Internal Use Only

25 of 39

Opwarming

  • Doel van de opwarming: alle pezen, gewrichten, ligamenten en spieren voorbereiden op de inspanning die volgt.
  • Opwarming ook volgens het RAMP-principe, met de gekende basisoefeningen die op training werden aangeleerd.
  • De standaard opwarming bestaat niet. Ook bij volwassen atleten is dit heel individueel. Een vaste volgorde van oefeningen is niet nodig en heeft sportief geen meerwaarde. Wedstrijdomstandigheden verschillen vaak (tijdschema, weer, locatie, …). Atleten oefenen op flexibiliteit in verschillende situaties.

Classification: Internal Use Only

26 of 39

Enkele afspraken i.v.m. de opwarming op de wedstrijd

  • We warmen zoveel mogelijk samen op, o.l.v. een trainer (soms anders dan de trainer op training).
  • In voldoende warme kledij (extra laagje boven wedstrijduitrusting).
  • Opwarmingsoefeningen kunnen dus licht afwijken van de training.
  • Aanvang: 45-50 min. voor de wedstrijd. Op veldloop 1 uur voor de parcoursverkenning.
  • Ouders kunnen een handje toesteken (vooral bij zomerwedstrijden).

Classification: Internal Use Only

27 of 39

Wedstrijden – algemeen

  • Deelname aan wedstrijden wordt aangemoedigd. – eigen vooruitgang, plezier, ….
  • Maar overdaad schaadt! max. 2 (en heel uitzonderlijk 3) wedstrijden per maand
  • Zeker af te raden: 2 wedstrijden op een weekend.

Reden: mentale en fysieke overbelasting

🡺 sneller blessures

🡺 sneller stoppen met atletiek

  • Varieer bij pistewedstrijden in de keuzes aan disciplines.
  • Uitgroeien tot een compleet atleet.

Classification: Internal Use Only

28 of 39

Hoe kan ik het best reageren als mijn zoon/dochter veel stress ervaart?

  • Heel normaal om spanning te voelen bij een wedstrijd!
            • willen presteren
            • plots in de aandacht staan
  • Als volwassene voelen wij dit ook!

  • MAAR te vermijden: stress die voortkomt uit verwachtingen van de omgeving!

Elk kind geeft het beste van zichzelf en verdient respect, ongeacht de plaats.

Classification: Internal Use Only

29 of 39

Tips bij stress

  • Ga heel voorzichtig om met prestatiedruk.

Voorbeelden:

        • Was het leuk?
        • Ging het goed?
        • Hoe voelde het in vergelijking met vorige keer?
  • Geef het goede voorbeeld. Supporter voor iedereen, ook de laatste!
  • Wat zeg je beter niet?
  • -Je was …..de, dat was (niet) goed.
  • -Je was dit keer achter ………………….. .
  • -Je sprong ………..cm minder dan je PR.

Classification: Internal Use Only

30 of 39

LTAD-model: Mentale leerlijn

7 belangrijke mentale vaardigheden om te ontplooien

  • stressmanagement
  • emotie- en gedachtenmanagement
  • aandacht en focus
  • goalsetting en motivatie
  • communicatie
  • levensstijl en identiteit
  • zelfzorg

Classification: Internal Use Only

31 of 39

Waarom is mentale ontplooiing belangrijk?

ZONDER MENTALE VEERKRACHT ZULLEN FYSIEKE CAPACITEITEN ZELDEN VOLLEDIG TOT HUN RECHT KOMEN

  • Fundamenten en duurzame ontwikkeling
  • Mentale vaardigen versterken ook het leven buiten de sport
  • Richting levenslang sporten: sportplezier en gezondheid behouden
  • Richting competitieve atleten van elk niveau: optimaal functioneren
  • Richting topsport: maximale prestaties onder druk

Classification: Internal Use Only

32 of 39

Waarom is mentale ontplooiing belangrijk?

Classification: Internal Use Only

33 of 39

Wat kunnen we als ouder doen?

  • Het goede voorbeeld stellen.
  • Je kind helpen bij de bewustwording/ benoemen / reflecteren
  • Vraag niet: heb je gewonnen? Maar hoe voel je je?
  • Ruimte creëren om tot een gesprek te komen (Lange autorit)
  • Ademhalingsoefening samen doen (VIERKANT)
  • Voor wedstrijd: géén prestatie-doel stellen wel taak-doel
  • Ga in gesprek met de trainer: zelfde taal
  • Durf professionele hulp inschakelen

Classification: Internal Use Only

34 of 39

Wat kunnen we doen als ouder / club?

  • Mentale, fysieke en technische leerlijnen volgen en proces - stelselmatig opgebouwd
  • Volg het proces van de trainer
  • Vertrouwen dat ze binnen AS RIEME de tijd krijgen om daarin te groeien
  • Weet dat we als club het beste nastreven voor uw kind en als club weten we dat julie datzelfde doel hebben
  • Communicatie tussen de steunfiguren

Classification: Internal Use Only

35 of 39

Wat kunnen we doen als club?

Binnenkort (najaar) start Atletiek Vlaanderen met opleidingen rond mentale leerlijnen

Volgens hetzelfde LTAD-model

AS RIEME zal zeker een aantal personen afvaardigen om leerpunten in ons beleid te integreren.

Wat doen wij als club zeker al goed:

  • Vanuit trainers zal aandacht op plezierbeleving liggen
  • Vanuit de trainers wordt er geen druk gelegd op de atleten. ELKE prestatie wordt positief bekrachtigd.

Classification: Internal Use Only

36 of 39

Vragen door jullie ingezonden

1/ Met wie of hoe kan ik even overleggen over specifieke uitdagingen bij mijn kind?

2/ Aanbod specialisatie miniemen (Is er nog iets naast extra de werptrainingen op woensdag? Zijn er vereisten? / Leren ze kennismaken met verschillende specialisatietrainers? Op welke manier? )

3/ Hoe worden jeugdtrainers bijgeschoold zodat ze op weg gezet worden om kleine hiaten weg te werken?

4/ Welk aanbod van specialisatietrainers zijn er in de club naast lange afstandtrainers?

Kogel en discus: Joachim Cordeel en Flore De Backer

Speer: Jelke De Pape (en Luc Van Maldeghem)

Hoog: Jelke De Pape en Simon Van den Berghe

Ver: Gunther Mosselmans

Horden: Gunther Mosselmans

Spurt: Glenn Coene en Simon Van den Berghe

Lange afstand: Xavier Rondas en Marnix Bruggeman (en maandagavond duurloop o.l.v. Frank)

Steeple: Marnix Bruggeman

Polsstok: Femi De Vleesschouwer en Gunther Mosselmans

Meerkamp: Petra Bruggeman en Jelke De Pape

Kracht – force Friday: 5-6 trainers

Voor de tweedejaars miniemen is er in september / oktober een infovergadering.

Classification: Internal Use Only

37 of 39

Vragen door jullie ingezonden

5/ Mijn dochter wil geen meerkampen doen omdat ze niet kan hoogspringen, discus, horden.

6/ Waarom wordt er bij benjamins nog helemaal niet op techniek getraind?

7/ 'Leerlijn' in aantal trainingen / duurlopen buiten de training van miniem tot senior.

8/ Hoe wordt er omgegaan met kinderen die storend gedrag vertonen op (woensdag)training?

Classification: Internal Use Only

38 of 39

Leerlijn aantal trainingen/duurlopen buiten de trainingen van min/sen.

AANTAL TRAININGEN

ALG PRINCIPES bij onze afstandstrainers

GENOEG TRAGE KILOMETERS

2 x (ZELFS 3X) RELATIEVE RUSTPERIODE IN HET JAAR

MIN. 1 RUSTDAG IN DE WEEK , ook bij 7 trainingen/w

TAPERING NAAR KAMPIOENSCHAPPEN VANAF CADET

NIET TEVEEL WEDSTRIJDEN (incl wegwedstrijden)

OM DE 3w volume daling (MACRO/ MESO/ MICRO- cycli)

PUP

MIN

CAD

SCHOL

JUN

1ej SEN

SEN/MAS

2

2/3

3/4

4/5

5/6

6

7/10

Classification: Internal Use Only

39 of 39

Leerlijn aantal trainingen/duurlopen buiten de trainingen van min/sen. - ONGEVEER om idee te geven-

Recreant

Regionaal

Nationaal

Internat

VROUW

MAN

VROUW

MAN

VROUW

MAN

VROUW

MAN

Kad

10

15

30

40

40

55

Schol

15

20

40

50

50

65

60

75

Jun

20

25

50

60

60

75

75

90

Sen -21

25

30

60

70

70

85

90

110

Sen -23

80

100

100

130

Sen TOP

65

80

90

120

120/140

150/180

Classification: Internal Use Only