1 of 41

VERBONDENHEID ONDER DRUK: �SOLIDARITEIT IN MERITOCRATISCHE TIJDEN

6 maart 2023, Blankenberge

Ellen Van Stichel

RZL

2 of 41

I. Context-analyse

RZL

3 of 41

3

4 of 41

4

5 of 41

RZL

6 of 41

Vrt, �12/10/2021

6

7 of 41

8 of 41

Faculteit, departement, dienst …

8

9 of 41

Kinderarmoede

    • 6 criteria: maandinkomen; opleidingsniveau ouders; stimulatieniveau; arbeidssituatie; huisvesting; gezondheid
    • 3 op 6? => kansarm
    • 47,5 % van kinderen in kansarmoede heeft op drie van de zes levensdomeinen een minder gunstige positie; 19% zelfs op 5 domeinen

    • Vlaanderen: kansarmoede-index van 12,7% (Antwerpen >>; Vlaams-Brabant <<)

10 of 41

VOEDSELBANKEN

Belgische Federatie voor Voedselbanken: 9 regionale voedselbanken, die zorgen voor logistieke verdeling over 654 lokaal aangesloten verenigingen

2005: 106 500

2019: 168 476 personen

2021: 177 238 personen

  • 1/3 was jonger dan 24 jaar; ¼ zelfs jonger dan 18 jaar, 1/3 was alleenstaande ouder (75% vrouwen)
  • 1,53% van de Belgische bevolking

2022: 204 000 (verdubbeling tegenover 2005)

11 of 41

11

12 of 41

12

13 of 41

NEOLIBERALE SAMENLEVING

RZL

14 of 41

1. Neoliberalisme: omschrijving

  • Efficiëntie is de hoogte standard
  • Groei is het enige doel
  • Privésector // overheid

  • => overschrijdt de grenzen van onze economie, maar beïnvloedt het individuele en maatschappelijke denken

  • (cf. A. Annett, Cathonomics)

14

15 of 41

2. Hoe het neoliberale denken ons leven binnensluipt…

  • Belang/waarde ~ nut
    • ‘What’s in it for me?’

  • Ultiem doel: vrijheid

  • Geloof in maakbaarheid, controleerbaarheid, beheersbaarheid

macroniveau: controle en sturing (cf. SMART-doelstellingen)

microniveau: zelf leven vormgeven en plannen

15

16 of 41

16

17 of 41

3. Gevolgen

op INDIVIDUEEL niveau:

zingeving en geluk zijn individueel project;

Faculteit, departement, dienst …

17

Borderline is een diepgaand patroon van instabiliteit in intermenselijke relaties, zelfbeeld en affecten en van duidelijke impulsiviteit, beginnend in de vroeg volwassenheid en tot uiting komend in diverse situaties, zoals blijkt uit vijf (of meer) van de volgende kenmerken:

18 of 41

3. Gevolgen

18

  • Verlatingsangst – eenzaamheid; ‘er alleen voor staan’
  • Instabiele en intense relaties – YOLO ⬄ broze relaties; visie op relatie (Perel)
  • Instabiel zelfbeeld – afhankelijk van iets van buiten onszelf
  • Schadelijke impulsiviteit – verslavingen, trends, relatieleven, kortetermijndenken
  • Recidiverende suïdale gedragingen of automutulatie
  • Affectlabiliteit – bipolariteit: het moet extreem zijn; geen fundering => labiel
  • Chronisch gevoel van leegte – zinloosheid
  • Intense woede – agressie, zinloos geweld; wantrouwen tegenover het systeem
  • Dissocatie – gaming en sociale media; ratio // emoties

Keuzevrijheid wordt keuzedwang. Immense verantwoordelijkheid => keuzestress en faalangst

19 of 41

3. Gevolgen

=> voor ONDERWIJS

=> op MAATSCHAPPELIJK niveau:

    • geen debat over algemeen belang meer mogelijk
    • dalende tolerantie voor ‘wie het niet onder controle heeft’

=> zingevingscrisis en samenlevingscrisis, waarin solidariteit erg onder druk komt

19

20 of 41

‘CONTROLITIS’

Filip Rogiers:

‘We zijn met zijn allen; maar niet samen (!) de CEO’s van onze eigen levens geworden.’

RZL

21 of 41

III. Solidariteit onder druk

Faculteit, departement, dienst …

21

22 of 41

ONZE WELVAARTSSTAAT

SOCIALE ZEKERHEID

Handhaven van levensstandaard wanneer zich sociale risico’s voordoen

Verzekeringsprincipe

RECIPROCITEIT

SOCIALE BIJSTAND

Armoedebestrijding door minimumbestaan te garanderen

SOLIDARITEIT

22

2 doelstellingen van welvaartsstaat (W. Van Lancker)

23 of 41

Mooi ideaal maar… �

… het werkt niet

(Debbaut en Perneel)

Vb. onderwijs als hefboom voor gelijke kansen ⬄ realiteit

23

24 of 41

Is het ideaal wel zo ideaal en mooi?

24

Morele vraag: beroepen op verdienste < talent; maar ‘zijn die talenten wel van ons’ ⬄ dankbaarheid en besef van contigentie van wie we zijn

Politieke vragen:

Leidt tot hoogmoed enerzijds bij de winnaars en vernedering (owv te mislukken en als mislukkeling beschouwd te worden) en ressentiment bij de verliezers

Cf. Young in 1958: is een ideaal recept voor sociaal conflict

  • Politiek van vernedering ⬄ politiek van onrechtvaardigheid
  • ‘responsabilisering’, ‘participatiemaatschappij’… ⬄ ondermijnt elke basis voor solidariteit

25 of 41

En dus…

  • We willen nog solidair zijn

    • Omwille van eigenbelang (‘het kan mij ook overkomen’)
    • Of wanneer mensen er echt niet kunnen aan doen (‘voor wie het echt nodig heft – discours)
    • Sociale zekerheid zullen we nog wel wat kunnen onderhouden, voorlopig

Maar we willen steeds minder solidair zijn voor wie niet slaagt, faalt en de eindmeet niet haalt, want we leven met de meritocratische illusive dat ‘als je maar je huiswerk maakt, je alles kan worden’ (Stef Bos)

    • verharding van het discours ten aanzien van hen die niet meekunnen
    • Sociale bijstand ernstig onder druk

25

26 of 41

Terwijl we net nood hebben aan…

Goede samenleving’

≠ niet gewoon een is die belooft dat je er kan aan ontsnappen door sociale mobiliteit (Sandel)

26

27 of 41

28 of 41

IV. Inspiratie vanuit het katholiek sociale denken

RZL

29 of 41

Relationeel mensbeeld

Gestoeld op personalisme

(< christelijke Fransen filosofen: Mounier, Maritain, … )

  • Mens = persoon-in-gemeenschap

29

30 of 41

30

MENSELIJKE WAARDIGHEID

Cf. beeld van God

Onvervreemdbare, onschendbare waardigheid

~ verdienste

Iedereen is uniek en doet er toe

-

31 of 41

Faculteit Theologie en Religiewetenschappen

31

VRIJHEID

32 of 41

32

PARTICIPATIE

Juiste relaties herstellen (al in de Bijbel) ~ inclusie

  • Participatie = ervoor zorgen dat

    • iedereen over de nodige goederen beschikt om menswaardig te leven; = distributieve rechtvaardigheid
    • elke mens de kans krijgt om zijn/haar unieke bijdrage te leveren, waardoor onze samenleving verrijkt wordt

= contributieve rechtvaardigheid

Opm. Dit is in eerste instantie een recht,

dan pas een plicht!

33 of 41

RZL

34 of 41

35 of 41

Gemeenschap/algemeen welzijn

Distributieve

Rechtvaardigheid

Contributieve

rechtvaardigheid

Commutatieve rechtvaardigheid

burger

burger

RZL

RZL

RECHTVAARDIGHEID (< Aristoteles en Aquino – 13e eeuw)

36 of 41

RZL

37 of 41

37

ALGEMEEN WELZIJN

~ ‘algemeen belang’, ‘goede leven voor allen’

Samen leven maakt nog geen samenleving.

38 of 41

V. Implicaties voor onderwijs

38

39 of 41

Ten aanzien van de leerlingen

Hoe inzicht leren krijgen in systemische visie op maatschappelijke thema’s in het algemeen, en neoliberalisme en meritocratie in het bijzonder?

- Expliciteren van dynamiek

- Bewust laten worden van ‘contingentie’ van talenten, en dus besef van gave-karakter ervan, en dankbaarheid voeden in plaats ze als vanzelfsprekend beschouwen

- Onvoorwaardelijk respect en erkenning geven, los van ‘verdienste’ dat gekoppeld wordt aan welbepaalde expertise en dus ‘nuttig’ beschouwd wordt, vanuit schoolbeleid, leraren, maar zeker ook tussen leerlingen onderling.

- uit comfort zone halen en blootstellen aan complexiteit en meerzijdigheid van onze samenleving (bv. service learning, …)

- …

Faculteit, departement, dienst …

39

40 of 41

Ten aanzien van onderwijsbeleid en -project

      • Visie op beleid: Doorzien we hoe meritocratie en liberalisme het water is waar we voortdurend in zwemmen?
      • Eens we hier inzicht in hebben, hoe kunnen we hier kritisch op reageren
        • Binnen eigen school
        • Naar beleid toe
      • Herbronning ronde eigen wortels en roots; waarom opgericht?
      • => wat is voor mij als directeur en voor ons als school de core business van onderwijs en fundamentele doelstelling, los van wat systeem ons oplegt.

40

41 of 41

41