YES
NO
Een kandidaat meldt zich aan
WIE ZIJN DIE NIEUWE GELOOFSLEERLINGEN?
Een groeiend aantal jonge en minder jonge tijdgenoten ontdekken het verlangen om christen te worden en gaan de uitdaging aan. Soms maken zij een heuse bekering door of kiezen ze heel bewust om christen te worden en toe te treden tot de rooms-katholieke geloofsgemeenschap. Soms spoort hun vraag naar het doopsel met een huwelijksvoorbereiding of met een opleiding tot godsdienstleerkracht. Soms ligt het verlangen om peter of meter te worden aan de oorsprong. Elke geloofsleerling heeft zo zijn eigen verhaal en persoonlijke motivatie.
De nieuwe geloofsleerlingen komen uit alle sociale klassen en beroepsgroepen. Vaak behoren ze tot gemeenschappen van buitenlandse origine, maar er zijn ook Vlaamse mensen met een vage katholieke achtergrond die met overtuiging ingaan op Jezus’ uitnodiging om zijn leerling te worden.
Wie kan zich aanmelden als catechumeen en vanaf welke leeftijd kan men de weg van het catechumenaat volgen ?
Wie kan zich aanmelden als catechumeen en vanafwelke leeftijd kan men de weg van het catechumenaat volgen?
Wie minstens 14 jaar is geworden en nog niet gedoopt werd in een andere erkende christelijke kerkgemeenschap, kan vragen om de weg van het catechumenaat te volgen.
Via het
- bisdom
- pastorale eenheid/zone of parochie
- plaatselijke pastor
Aanduiding van een begeleider
HET EERSTE CONTACT IS BELANGRIJK
Soms nemen volwassen kandidaten voor het doopsel of het vormsel zelf contact op met de pastorale eenheid/zone of parochie of rechtstreeks met de diocesane verantwoordelijke. Een eerste contact kan ook lopen via een pastor of catechist van de plaatselijke geloofsgemeenschap.
Wanneer de vraag bij de plaatselijke gemeenschap of de pastorale eenheid/zone of parochie toekomt, zal een priester, diaken, pastoraal werker of vrijwillige catechist contact opnemen met de diocesane verantwoordelijke voor het catechumenaat.
Wanneer iemand zich aanmeldt voor het catechumenaat, vertrouwt de pastorale verantwoordelijke van de plaatselijke gemeenschap of van de pastorale eenheid/zone of parochie de geloofsbegeleiding toe aan een christen die met het parcours en de eigen benadering van het catechumenaat vertrouwd is.
In overleg met de pastorale verantwoordelijke, zal die rond de kandidaat een begeleidend groepje van gelovigen uit de bredere geloofsgemeenschap vormen (bijvoorbeeld bij gelegenheid van voorbereiding op een viering).
Wie kan catechumenen begeleiden?
Niet iedereen, zelfs niet elke catechist heeft ervaring met het catechumenaat. Daarom wordt als begeleider een christen aangeduid die ingewijd is in het parcours van het catechumenaat.
Wie voor de eerste keer gevraagd wordt een catechumeen te begeleiden kan zich hierover informeren bij de diocesane contactpersoon of werkgroep catechumenaat en deelnemen aan jaarlijkse diocesane vormings- en ontmoetingsmomenten in het eigen bisdom.
Voor de persoonlijke begeleider is niet alleen een vertrouwdheid met het traject van het catechumenaat en met de orde van dienst van belang (zie vraag 6). Hij of zij moet ook bekwaam zijn om geestelijk te onderscheiden waar de kandidaat staat op de weg van geloof en bekering en de bisschop hierover desgevraagd adviseren. Het is immers ook de taak van de persoonlijke begeleider om samen met de bisschop te onderscheiden of een kandidaat klaar is om de initiatiesacramenten te ontvangen.
Wat is de rol van de begeleider?
De persoonlijke begeleider is een echte tochtgenoot van de geloofsleerling op de weg van het catechumenaat. Tijdens het hele traject is de begeleider als voornaamste gesprekspartner en vertrouwenspersoon, de kandidaat het meest nabij. Hij of zij ondersteunt het werk van de H. Geest in het hart van de begeleide.
De begeleider is de spilfiguur in het begeleidend groepje van gelovigen dat de kandidaat omringt en ondersteunt. De begeleider zal regelmatig met de catechumeen - of als er meerdere zijn samen met andere kandidaten - in dialoog treden, welwillend luisteren naar diens vragen en twijfels en geloofsgesprekken voeren.
Eventueel samen met het team van de pastorale eenheid/zone of parochie of de diocesane verantwoordelijke voor het catechumenaat, zal de begeleider een aangepast parcours van geloofsgroei uitstippelen.
De persoonlijke begeleider zal de kandidaat zo nodig op weg zetten op het vlak van liturgiebeleving, Bijbellezen en persoonlijk gebed. Daarnaast zal hij of zij de kandidaat kennis laten maken met de concrete sociale en morele implicaties van het leven volgens het Evangelie en met de bredere geloofsgemeenschap in een benadering van “kom en zie”.
Intakegesprek met de kandidaat
EEN SPIRITUEEL EN MENSELIJK ONTHAAL
De aangewezen begeleider zal met de kandidaat contact opnemen voor een eerste gesprek over de vraag van de kandidaat (het ‘intake-gesprek’).
De begeleider zal in eerste instantie welwillend luisteren naar de eigen spirituele en menselijke noden en ervaringen van de kandidaat die relevant zijn binnen het ruimere traject van de voorbereiding op de initiatiesacramenten.
Hij of zij zal trachten te begrijpen welke levensfeiten en welke informatie bevraagd wordt, en deze te zien als startpunt van een individueel geloofsgroeitraject en een integratie in de geloofsgemeenschap. Dit kan dan in harmonie gebracht worden met de inhoud van het algemeen begeleidingstraject voor alle kandidaten (startpunt) om uit te komen (eindpunt) bij de geloofsbelijdenis (levend, expliciet, handelend) en de viering van het doopsel, het vormsel en de eucharistie.
Onderscheiding
Is er een duidelijk verlangen om christen te worden?
Betreft het enkel een wens om het christelijk geloof beter te leren kennen?
De begeleider zal zich op basis van het intake-gesprek een geïnformeerd oordeel vormen over de vraag of de kandidaat meteen kan worden toegelaten tot de weg van het catechumenaat. Een paar vragen om in overweging te nemen:
Hoe omgaan met een situatie van een catechumeen die gedoopt wil worden en die op het eerste zicht niet (helemaal) verenigbaar is met een leven volgens het Evangelie?
Hierover ligt desgevallend de eindbeslissing bij de bisschop en niet bij de plaatselijke begeleider die in overleg met de dienst van het catechumenaat hierover een mededeling aan de bisschop zal doen. Tijdens de verkennende fase van het pre-catechumenaat peilt de begeleider met de nodige mildheid, respect en onbevangenheid naar dergelijke situaties (bvb. gescheiden al dan niet hertrouwde catechumenen).
Een belangrijke preliminaire vraag is of de kandidaat hierover van bij de aanvang openheid aan de dag legt en bereid is zijn/haar situatie samen te bekijken met de begeleider in het licht van het Evangelie en van de leer van de kerk over het huwelijk.
Indien de kandidaat hiervoor open staat kan men samen met hem/haar een weg van heling/bekering proberen te gaan tijdens het pre-catechumenaat of naar aanleiding van de scrutinia (levensonderzoek naar de compatibiliteit tussen de levensweg van de kandidaat en het christen-zijn).
In sommige gevallen kan het nodig zijn de annulatie van een vroeger kerkelijk huwelijk aan te vragen. Men mag kandidaten hierover niet in de onduidelijkheid laten en moet vermijden dergelijke delicate kwestie pas aan te kaarten na hun opname in het catechumenaat.
Rond afwijkende/ingewikkelde huwelijkssituaties is het steeds aanbevolen zo vroeg mogelijk deze via de dienst voor het catechumenaat voor te leggen voor advies aan een bevoegd kerkelijk jurist van het bisdom.
Waar en wanneer wordt de catechumeen gedoopt in ons bisdom?
De diocesane bisschop is de gewone bedienaar van het sacrament van het doopsel van volwassenen en van het vormsel. Hij kan hij hiertoe een hulpbisschop of priester (of voor het doopsel een diaken) mandateren. Als de bisschop een hulpbisschop of priester mandateert voor het doopsel van een volwassene, is deze van rechtswege ook bevoegd om het vormsel toe te dienen aan deze dopeling. (CIC c. 883, 2°).
In de regel wordt het doopsel én het vormsel én het sacrament van de eucharistie aan een catechumeen toegediend door een priester tijdens de paaswake in de lokale geloofsgemeenschap.
Dit gebeurt in de regel in de gemeenschap waar ook de viering van opname in het catechumenaat plaatsvond.
Beslissing
ALS HET TIJD IS OM EEN BESLISSING TE NEMEN
Teneinde een goede beslissing te nemen, zal de begeleider luisterend naar de H. Geest, op spiritueel-pastoraal niveau een afweging maken van subjectieve en objectieve factoren.
De begeleider zal zich in zijn oordeel laten leiden door het belang en de noden van de kandidaat rekening houdend met diens situatie en de mogelijkheden van de locale geloofsgemeenschap.
Het eigen aanvoelen zal de begeleider aftoetsen met de andere leden van het begeleidingsgroepje, met de pastoraal verantwoordelijke, de leden van het pastorale team/ploeg of met de diocesaan vertegenwoordiger.
Als er een duidelijk en door meerdere personen gedragen aanvoelen is dat het te vroeg is om de stap naar het catechumenaat te zetten en een tijd van eerste verkondiging of nadere kennismaking met het christelijk geloof gewenst is of wanneer de catechumeen zelf niet gehaast is, zal voorgesteld worden aan de kandidaat om een voorbereidend traject te volgen.
YES
De begeleider zal de kandidaat voorstellen om te starten met de weg van het catechumenaat wanneer die:
- een duidelijk en oprecht verlangen verwoordt om zich te laten dopen en de eerste tekenen van bekering en geloof in Jezus Christus zichtbaar zijn
- al een band heeft met een plaatselijke geloofsgemeenschap, waar tijdens de paasnacht de initiatiesacramenten gevierd worden
- de kandidaat niet verwikkeld is in complexe levenssituaties die moeilijk verenigbaar zijn met het evangelie en de kandidaat niet bereid is hierover een gesprek aan te gaan.
Een eerste belangrijke liturgische stap voor de kandidaat is diens opname in het catechumenaat. Die gebeurt in de plaatselijke geloofsgemeenschap, uiterlijk op de eerste zondag van de Advent.
Tijdens de opname in het catechumenaat in een viering van de plaatselijke gemeenschap, wordt de kandidaat getekend met het kruisteken en ontvangt hij of zij een exemplaar van Gods Woord (de Bijbel). De betekenis van deze ritus wordt toegelicht in de Orde van dienst voor de viering van de initiatiesacramenten voor volwassenen (randnrs. 14-18 van de inleiding) .
Deze eenvoudige viering is de eerste openlijke stap waardoor de kandidaat - die zijn/haar verlangen om gedoopt te worden aan de kerkgemeenschap kenbaar maakt - door haar wordt onthaald en verwelkomd.
De catechumenen delen vanaf dat moment reeds in het leven van de plaatselijke kerkgemeenschap en ontmoeten daarnaast ook de bredere geloofsgemeenschap.
VIERING VAN DE OPNAME IN HET CATECHUMENAAT
Voor een voorbeeld van een opnameviering, zie het subtopic in verband met de Orde van Dienst in het menu van dit vormingstraject
Wat betekent het dat een catechumeen reeds deelt in het leven van de geloofsgemeenschap?
Wat betekent het dat een catechumeen reeds deelt in het leven van de geloofsgemeenschap?
Door hun inschrijving in het catechumenaat, verkrijgen de catechumenen het recht toegelaten te worden tot de liturgie van het Woord van God, en tot de andere liturgische vieringen die niet voorbehouden zijn voor christengelovigen. Zij mogen aanwezig zijn in de viering van de Eucharistie, maar zonder actief deel te nemen.
Tot hun andere rechten behoren: het recht zegeningen te ontvangen (CIC c. 1170) en bepaalde sacramentaliën (palmtakken, asoplegging, kaarsen, scapulieren en medailles en kruisbeeld); het recht op een kerkelijke uitvaart (CIC c. 1183 §1, CCEO c. 875), het recht zoals elke gedoopte om een rechtsvordering in te stellen (CIC c. 1476 en CCEO c. 1134); zij kunnen zich inschrijven bij verenigingen en bewegingen van apostolaat, volgens de bepalingen van de Statuten (CIC c. 307 en CCEO c. 578); het recht zich in te schrijven in de Latijnse Kerk of in eender welke Oosterse Kerk sui juris (CCEO c. 588); het recht het doopsel te ontvangen wanneer dit gevraagd wordt door wie naar behoren zijn voorbereid om het te ontvangen (CIC c. 865 en CCEO c. 682 §1).
In het geval zij een huwelijk zouden aangaan, tussen twee catechumenen of tussen een catechumeen en een gedoopte, dienen de voorschriften te worden gevolgd van de Orde van dienst voor de viering van het huwelijk.
NO
Indien in een voorbereidend traject meer tijd aangewezen is, zal de begeleider gedurende een kortere of langere periode de kandidaat bijstaan bij het uitklaren en eventueel uitzuiveren van zijn of haar motivering.
De begeleider zal daartoe tijdens een aantal verkennende ontmoetingen:
- samen met de kandidaat regelmatig een stukje uit de Evangelies lezen
- met de kandidaat uitwisselen over de vraag: wie is die Jezus en wat is zijn boodschap voor jou vandaag?
- antwoorden op de kennis- of geloofsvragen van de kandidaat.
Het perspectief van deze verkennende ontmoetingen is om een context te bevorderen waarin de kandidaat Jezus Christus kan ontmoeten en beter te leren kennen en met Hem een geloofsrelatie aangaan.
De begeleider zal de kandidaat voorstellen tijdens een revisie (terugblik) op het eigen leven de pertinente religieuze of zingevingservaring op het spoor te komen die aan het begin van diens geloofsweg staat.
De begeleider zal door een aangepaste catechese voor de kandidaat de kern van de evangelische boodschap laten klinken als een aanbod van Godswege en een weg van nieuw leven in de persoonlijke situatie van de kandidaat.
De begeleider zal de kandidaat uitnodigen om een complexe levenssituatie die moeilijk verenigbaar is met de boodschap van Jezus of het christelijk geloof samen te bekijken in het licht van het Evangelie en hierover in gesprek te gaan.
Als de kandidaat nog geen band heeft met de geloofsgemeenschap zal de begeleider hem een traject “kom en zie” voorstellen met een bezoek aan boeiende geloofsplekken, ontmoetingen met geloofsgetuigen, deelname aan vieringen enz.
TIJD VAN DE EERSTE VERKONDIGING
Einde begeleiding
Als de kandidaat het voorbereidende traject met het vereiste engagement volgt en zich aan de gemaakte afspraken houdt zal de begeleider opnieuw beslissen na een nieuwe onderscheiding over de vraag of de kandidaat de stap kan zetten naar de opname in het catechumenaat.
Leidt dit voorbereidend traject niet tot een duidelijke conclusie dan kan de begeleider zijn tussenkomst beëindigen en de kandidaat uitnodigen eventueel later opnieuw contact te nemen.
De begeleider zal er over waken de kandidaat niet te ontmoedigen door deuren definitief te sluiten.
TIJD VAN HET CATECHUMENAAT
Alvorens de intrede in het catechumenaat van een kandidaat, wordt dit meegedeeld aan de bisschop via de diocesane verantwoordelijke voor het catechumenaat door middel van de ingevulde ‘intakeformulier fiche A’.
Deze fiches worden in het bisdom bijgehouden in één register van de catechumenen.
Link naar het intakeformulier fiche A