Chapter 3

Stone 9

Zo voer je een telefoongesprek

Hello?

Hallo?

Hello? Is that Mr Thompson?

Hallo? Spreek ik met meneer Thompson?

This is Mr Thompson. Who is this?

Dit is meneer Thompson. Met wie spreek ik?

This is Ellis.

Met Ellis.

Hi Ellis, where are you?

Dag Ellis, waar ben je?

Can I speak to Josh?

Mag ik Josh spreken?

Could I talk to Susan, please?

Zou ik Susan mogen spreken, alstublieft?

Is Taylor at home?

Is Taylor thuis?

Is Taylor in?

Is Taylor thuis?

Hang on, I'll get him for you.

Blijf aan de lijn, ik zal hem voor je halen.

Just a moment, I'll see if she is in.

Een ogenblik, ik kijk of ze thuis is.

No, he is not in.

Nee, hij is er niet.

I'm afraid she's out.

Ik ben bang dat ze niet thuis is.

Thank you. Goodbye.

Dank u wel. Tot ziens.

See you later.

Tot later.

You're welcome. Bye.

Niets te danken. Tot ziens.

See you tomorrow.

Tot morgen.

Stone 10

Zo vraag je iemand om persoonlijke gegevens … en zo geef je antwoord

What's your first name?

Wat is je voornaam?

My first name is René.

Mijn voornaam is René.

What's your surname?

Wat is je achternaam?

My surname is Johnson.

Mijn achternaam is Johnson.

What's your address?

Wat is je adres?

My address is 12 Church Road, Burstow.

Mijn adres is Church Road 12, Burstow.

What's your postcode?

Wat is je postcode?

My postcode is BN21 4JR.

Mijn postcode is BN21 4JR.

How old are you?

Hoe oud ben je?

I'm 13 years old.

Ik ben 13 jaar oud.

Where were you born?

Waar ben je geboren?

I was born in London.

Ik ben geboren in Londen.

Where do you live?

Waar woon je?

I live in Zwolle.

Ik woon in Zwolle.

Where are you from?

Waar kom je vandaan?

I'm from the Netherlands.

Ik kom uit Nederland.

How do you spell your name?

Hoe spel je je naam?

R-e-n-é.

R-e-n-é.


Stone 11

Zo stel je iemand voor om iets te gaan doen …

Would you like to play these computer games this afternoon?

Zou je het leuk vinden om vanmiddag deze computerspelletjes te spelen?

Do you want to see an animated film next Saturday?

Wil je volgende week zaterdag een tekenfilm zien?

Would you like to go to the cinema on Wednesday?

Zou je het leuk vinden om woensdag naar de bioscoop te gaan?

Do you want to come to my party this weekend?

Wil je dit weekend op mijn feest komen?

You could ask for some information as soon as possible.

Je zou zo snel mogelijk om wat informatie kunnen vragen.

We could send her a text message as soon as possible.

We zouden haar zo snel mogelijk een sms kunnen sturen.

… en zo reageer je

Yes, I would love to go dancing.

Ja, ik zou heel graag willen gaan dansen.

Yes, I'd like to go out with you.

Ja, ik zou graag met je uit willen gaan.

Yes, please.

Ja graag.

Yes, we could.

Ja, dat zouden we kunnen doen.

No, thanks. I'm busy tomorrow.

Nee, dankjewel. Ik heb het druk morgen.

No, sorry. I can't make it.

Nee, het spijt me. Ik kan niet.

No, I can't.

Nee, ik kan niet.

Stone 12

Zo reageer je als je iemand niet begrijpt

I beg your pardon?

Wat zegt u? / Wat zeg je?

Sorry, I don't understand.

Het spijt me, ik begrijp het niet.

What does that mean?

Wat betekent dat?

What's it in English?

Hoe zeg je dat in het Engels?

Can you say that again, please?

Kunt u dat nog een keer zeggen, alstublieft?

Could you repeat that, please?

Zou u dat willen herhalen, alstublieft?

Can you speak more slowly, please?

Kunt u langzamer spreken, alstublieft?

Could you spell it for me, please?

Zou u het voor me kunnen spellen, alstublieft?