Chapter 2

Stone 5

Zo vraag je over dieren

Is a lion wild?

Is een leeuw wild?

Is it tame?

Is hij tam?

Are cats hairy?

Zijn katten harig?

Are they dangerous?

Zijn ze gevaarlijk?

Can a monkey climb trees?

Kan een aap in bomen klimmen?

Can it bite?

Kan hij bijten?

Do sharks swim fast?

Zwemmen haaien snel?

Do they eat berries and plants?

Eten ze bessen en planten?

Does a dolphin live in the sea?

Leeft een dolfijn in de zee?

Does it eat fish?

Eet hij vis?

Do you have a pet?

Heb jij een huisdier?

Can you tell me about elephants?

Kun je me iets over olifanten vertellen?

Stone 6

Zo vertel je over dieren

A lion is dangerous. It isn't friendly.

Een leeuw is gevaarlijk. Hij is niet vriendelijk.

Spiders are small. They aren't tame.

Spinnen zijn klein. Ze zijn niet tam.

Bees can sting. They can't swim.

Bijen kunnen steken. Ze kunnen niet zwemmen.

An orca eats fish. It doesn't eat meat.

Een orka eet vis. Hij eet geen vlees.

Dogs eat biscuits. They don't eat plants.

Honden eten koekjes. Ze eten geen planten.

An elephant has big ears. It doesn't have a long tail.

Een olifant heeft grote oren. Hij heeft geen lange staart.

Birds have feathers. They don't have tails.

Vogels hebben veren. Ze hebben geen staarten.

 

Stone 7

Zo vertel je hoe dieren eruitzien

An elephant's neck is long.

De nek van een olifant is lang.

A giraffe's tail isn't short.

De staart van een giraffe is niet kort.

Her dog's fur is soft.

De vacht van haar hond is zacht.

Its skin isn't black and white.

Zijn huid is niet zwart en wit.

A penguin's belly is fat.

De buik van een pinguïn is dik.

Its skin isn't thin.

Zijn huid is niet dun.

Her dog's fur is warm.

De vacht van haar hond is warm.

A panda bear's ears are big.

De oren van een pandabeer zijn groot.

A panda bear's eyes aren't small.

De ogen van een pandabeer zijn niet klein.

A lion's head is hairy.

Het hoofd van een leeuw is harig.

A lion's head is bald.

Het hoofd van een leeuw is kaal.

A lion's head is rough.

Het hoofd van een leeuw is ruw.

Stone 8

Zo zeg je wat je ergens van vindt

I'm for saving energy.

Ik ben voor energie besparen.

Mark is against using a car.

Mark is tegen het gebruik van auto's.

Mark is against keeping wild animals in a zoo.

Mark is tegen het houden van wilde dieren in een dierentuin.

I think a beauty contest is stupid.

Ik vind schoonheidswedstrijden stom.

I think hunting animals is wrong.

Ik vind op dieren jagen verkeerd.

I don't think it's fun for me.

Ik vind niet dat het leuk voor mij is.

He doesn't think it's nice for us.

Hij vindt niet dat het leuk voor ons is.

Lynn thinks they're good for you.

Lynn vindt dat ze goed voor je zijn.

We think they're bad for them.

Wij vinden dat ze slecht voor hen zijn.