Verlangen, Focus, Doen! Deel 2

Wie er vorige week was, weet vast nog wel wat ik wilde vertellen met deze luchtbuks. Mensen laten reageren…. Verlangen, Focus, Doen! Vorige week zagen we hoe dat verlangen geboren wordt: als we beseffen wat we ontvangen hebben in het geloof in Jezus Christus. Als we beseffen dat we het niet verdienen, komt er verlangen om voor Hem te leven. Dat verlangen moet gevoed worden door de juiste focus, gerichtheid. We zagen vier dingen om je op te focussen: dingen van Jezus en niet van de aarde; God is koning van jouw leven; Jij bent gestorven en Christus is jouw leven; de wederkomst. En vandaag kijken we naar de praktijk, het doen. Eerst kijken we naar wat er te doen is en ten tweede naar de manieren waarop God ons aanspoort om dat te doen.

Vandaag lezen we Kol. 3:5-17.

Nou, dat was een hele lap tekst! En er staan een heleboel praktische dingen in. Voor we die gaan bekijken, moet je eerst de verbinding zien tussen vers 1-4 en dit gedeelte. In vers 5 staat een belangrijk woordje: ‘dan’ of ‘immers’ (NBV). Dat betekent een verwijzing naar hetgeen in de vorige verzen staat. Als vers 1-4 helder is voor je: het verlangen en de juiste focus, DAN ga je aan de slag. Dan volgt automatisch het doen. Hier zie je het belang van goede theologie! Als je de juiste dingen gelooft, beleeft, DAN volgen de daden vanzelf.

Nou, wat moeten we dan doen? Dood uw leden die op de aarde zijn. Wat is dit voor een bizarre oproep? Dit is wat er letterlijk staat… De NBV omschrijft het: laat dan wat aards in u is afsterven. Leden = lichaamsdelen. Met uw leden die op de aarde zijn, wordt het beeld opgeroepen van een lichaam, waarvan de lichaamsdelen (handen, voeten, ogen, ogen, mond, geslachtsdelen, enz.) ten dienste van de zonde dienen en allerlei kwaad voortbrengen. Dat lichaam, met zijn zondige neigingen, moet dood. Hij geeft dan in vers 5, 8 en 9 een opsomming van dat soort kwade, zondige dingen. Daar kijken we zo naar.

Paulus heeft net gezegd dat wij gestorven zijn met Christus en in een nieuw leven zijn opgewekt, maar hier zien we dat hij ons oproept om dat oude lichaam met zijn zondigende ledematen te doden…. Hoe zit dat?! We lopen hier tegen iets aan wat best lastig is en soms ook frustrerend in het christelijke leven. We moeten telkens rekenen met twee realiteiten: De ene is dat we gestorven zijn toen we tot geloof kwamen in Jezus Christus. De andere is dat dat oude lichaam, die oude mens nog springlevend is. De overwinning die Christus behaalde aan het kruis op de zonde, de boze, ziekte en gebondenheid is behaald, maar ze moet nog wel bevochten worden. De overwinning is beslissend behaald, maar moet nog definitief doorbreken.

Je kunt dit vergelijken met D-day en V-day in WOII. De beslissende slag in die oorlog heet D-day: de dag waarop de geallieerden met hun legers landden op de stranden van Frankrijk. Daar werd een beslissende slag geslagen om Nazi-Duitsland te verslaan. Maar de strijd met dit in principe verslagen land, duurde nog een klein jaar. De definitieve overwinning moest nog bevochten worden. Zo is het ook met ons geestelijke leven: We moeten ons hele leven hier op aarde als christen inzetten om dat oude lichaam te doden, te laten afsterven, te negeren. De overwinning opeisen, zou je kunnen zeggen. Leven als overwinnaar en de boze die nog tegensputtert negeren, verslaan, doden. We mogen die strijd aangaan met het besef dat de uiteindelijke overwinning is behaald.

Dat gevecht om onze oude mens te doden, de zonde te weerstaan in ons leven, vergelijkt Paulus in dit gedeelte met een verkleedpartij. Vers 8: Leg af; 9: doe het oude lichaam weg. Vers 10, 12, doe het nieuwe lichaam aan. Om dat te illustreren heb ik hier Bram (paspop; deze naam is bedacht door Linie Scholten, korte uitleg van hoe ik aan de paspop kom). Je ziet het al: Bram is bedekt met zonden. De lichaamsdelen van Bram doen allemaal dingen die God verboden heeft. Aantal opnoemen en uitwerken.

Paulus zegt dan simpelweg: doe dat oude lichaam uit (vers 9), want het is toch dood, je hebt er niets meer aan, en doe het nieuwe lichaam aan (vers 10, 12). Dat nieuwe lichaam is de vervulling van de belofte van Gen. 1:27: De mens gemaakt naar het beeld van God. Door de zonde is dat beeld vertroebeld, vervaagd. Jezus is de nieuwe mens en Hij rekende af met al die zondige, misvormde beelden van God door te sterven voor hen en hen zo nieuw leven te geven. Hij geeft ons zijn nieuwe leven, zijn lichaam als het ware. Bekleed je daarmee, zegt Paulus! Dit nieuwe lichaam is een groeiend lichaam: steeds meer kennis van God (vers 10), steeds beter begrip van wat Hij van je vraagt. Steeds meer besef van het feit dat de zonde, de dood, de boze en ziekte en hel overwonnen zijn en dat wij in die overwinning mogen staan.

Hier mogen we mee aan de slag. Pak er eentje uit om mee aan de slag te gaan. Doe het samen! Hou voor ogen dat er groei mogelijk is en groeien gaat vaak langzaam. Maar het belangrijkste van de praktijk is telkens weer: de motivatie, de wil. Daar stonden we vorige week al bij stil. In dit tekstgedeelte vinden we nog vier motiverende gedachten die ons kunnen helpen in onze strijd tegen de zonde.

Hij dreigt in vers 6: Door deze dingen komt de toorn van God over de ongehoorzamen. Gods dreigement is heel reëel: als je doorgaat met zondigen, dan zal Hij je straffen, met een eeuwige straf in de hel.

Hij benadert ons vanuit het positieve. Kijk naar vers 12: Bekleed u dan, als uitverkorenen van God, heiligen en geliefden. Drie woorden met grote betekenis! Je bent door God uitgekozen als Zijn kind. Heilig: zonder zonde, smet of rimpel in Christus, geliefd: Hij houdt van jou! Laat dit tot je doordringen….

Het voorbeeld van Jezus: Zoals Christus u vergeven heeft, vergeef ook elkaar. Denk niet dat het onmogelijk is om dit te doen. De Heilige Geest die in Jezus was, leeft ook in jou. Roep die Geest aan en leer vergeven.

Doe alles voor God en niet voor jezelf. Besef dat je namens God hier op aarde leeft. Als je aan mensen zegt dat je christen bent, dan heb je een verantwoordelijkheid om namens Hem te leven. Mensen zullen je erop aanspreken, zowel positief als negatief.