Eenheid in verscheidenheid

Introductie cursus Goed Boos. Voorbeelden noemen van voorvallen waardoor de eenheid onder druk komt te staan. Leren goed om te gaan met boosheid. De cursusleider laat ons kiezen tussen de donderdag en de zondagavond. Kosten: €12,50 werkboekje, €5,- p.p. hele cursus. Via de mail zijn de data al verstuurd. Kijk daar even goed naar en schrijf je in! Vanochtend wil ik alvast een voorschot nemen op dit thema door te kijken naar dit thema: eenheid in verscheidenheid. Het  thema past binnen ons jaarthema ‘in gesprek met…’. Net als eerdere preken over vergeving en crommunitiecatie.

Eenheid is best een lastig woord, want velen verstaan het verkeerd. Het is geen eenheidsworst, geen poging om alle meningsverschillen de wereld uit te ruimen. Een zijn is niet eens zijn. Je kunt en mag van elkaar van mening verschillen over tal van zaken. Voor sommigen lijkt dit onmogelijk, vanwege hun aard om altijd gelijk te willen hebben. Eenheid is de kunst om met gezag om te gaan. Je neer te leggen bij besluiten van de meerderheid. Omgaan met diversiteit, verschillende invalshoeken is een kunst en die kunst wil ik vanochtend eens met jullie onder de loep nemen. Hoe bereiken we die eenheid? We lezen Fil. 1:27-2:11.

Als ik dit gedeelte zou moeten samenvatten, dan wordt meteen helder dat we met deze tekst op de goede weg zijn als het gaat om eenheid in verscheidenheid. Kijk maar naar het scherm. De roep om eenheid, vrede onder elkaar klinkt veel en vaak in de bijbel, maar ook in de wereld om ons heen. Er is een algemeen verlangen om één te zijn, vrede onder elkaar te hebben. Maar die vrede wordt door veel zaken gefrustreerd, ondergraven. Ik noemde al wat oorzaken, maar belangrijker dan de oorzaken voor verwijdering, is het om te kijken naar wat ons samen kan binden. Hoe bereiken we die eenheid? Er is natuurlijk veel te noemen, maar we kijken naar wat de tekst ons aanreikt:

Praat er over! Benoem het en spreek over eenheid. Nou, dat doen we!

Een gezamenlijk doel: Eenheid bereik je niet alleen door de oorzaken van verwijdering te bestrijden, maar bovenal door samen een doel te hebben. Wat zijn er niet een prachtige films gemaakt met dit als achterliggend thema. Zo zag ik laatst zootropolis. Een animatiefilm waarin een konijn en een vos moeten samenwerken. In de wereld van de film zijn er geen prooidieren en roofdieren meer…. twee tegenpolen moeten samenwerken. Dat botst! Maar doordat ze hetzelfde doel nastreven, wordt eenheid mogelijk en zelfs echte samenwerking. Dit zien we ook in Vers 27: … dat u samen voor het geloof in het evangelie strijd. Letterlijk staat hier: samen met het geloof van het evangelie strijd. Strijden met het geloof van het evangelie. Het evangelie is de goede boodschap van God: God schiep de mens, de mens liep bij Hem vandaan, zondigde, Jezus Christus kwam redden door voor onze zonden te sterven en zo mogen we leren leven met Hem tot in eeuwigheid. We worden opgeroepen daarin te geloven. Dat geloof brengt redding voor onze ziel, maar het is ook een geloof waarmee we moeten strijden. Dat geloof in Gods reddende kracht is een strijdmiddel. Waartoe? Voor de christenen in Filippi betekende het strijden met het geloof om vol te houden ondanks tegenstand, vervolging, smaad, laster, fysieke tegenstand. Je kunt dit lezen in vers 28: laat u in geen enkel opzicht schrik aanjagen door uw tegenstanders. Het geloof in het evangelie bracht hun de moed om vol te houden ondanks de tegenstand. Ze lieten zich niet uit het veld slaan, bleven hoopvol en positief, dankzij de kracht van het geloof. Ze vertrouwden op God, ondanks de tegenslagen.
Ik was afgelopen week bij Jan en Linie Scholten. Hij stuurde mij dit gedicht (voorlezen). Dit is strijden met het geloof.
De centrale vraag is steeds weer in ons leven: Hoe laat ik zien dat ik geloof? Waaraan zien mensen dat ik geloof in een God die alles kan? Die strijd is ons gezamenlijke doel. Daarvoor zijn we kerk met elkaar.

Door dit alles overkoepelende doel zou het voor ons makkelijker moeten zijn om één te zijn. Telkens is de hamvraag in elke situatie: Hoe laten we zien dat we geloven in een God die alles kan? Dat is de hoofdzaak en zo kunnen andere zaken tot bijzaak worden. Veel irritaties zijn het niet waard om je echt over op te winden als je dit doel voor ogen houdt. Wat zijn er niet een kerken die veel tijd spenderen aan zaken die helemaal niet tot de kern van hun geloof behoren…. Eindeloze discussies over materiele zaken (welke kleur moeten de stoelen hebben, waar moet de kansel staan, hoe hoog moet de verwarming staan, enz.). Eindeloze discussies over de vormgeving van de diensten. En dat is op zich goed, maar niet als het gaat om hoe ik het het liefst wil hebben, want we leven als kerk niet voor onszelf, maar voor de wereld om ons heen. Kan een niet christen door onze diensten God ontmoeten, dat is onze hamvraag! Ik heb iemand horen zeggen: een gemeente die zich erg druk maakt over de financiën heeft niet begrepen wie God is. Wat kan er soms gesteggeld worden over geld in een gemeente…. We moeten ons hoofddoel voor ogen houden en daar onze tijd, onze gesprekken, onze energie in pompen: samen strijden met het geloof in het evangelie. Samen laten zien aan elkaar en de wereld om ons heen dat we geloven in een God die redden kan! Dat geeft eenheid!

Maar er is meer nodig dan de oproep om te strijden met het geloof. Dat vinden we in 2:1. De oproep om onderlinge eenheid klinkt in 1:27 en wordt uitgewerkt in 2:1-4. Als je de NGB of HSV leest, dan klinkt die zin best ingewikkeld en dat is ie ook. De NBV heeft het wat minder ingewikkeld vertaald (niet letterlijk), maar het pakt wel meteen de intentie van Paulus op. NBV lezen. Hij spreekt de Filippenzen aan op datgene wat er al is: de ervaren bemoediging van Christus, de liefde van God, de verbondenheid met de HG, de ontferming en het medelijden van God. Die zijn er en zelfs in grote mate! Aangezien dit aanwezig is, ga van die bron, die ervaring met die bron dan ook verder en wees eensgezind, één in liefde, één in streven, één van geest. De bron voor onderlinge eensgezindheid is datgene wat je ervaren hebt in je leven van God, Christus, de HG.

De bron van een leven in verbondenheid is de ervaring van een leven met Christus. Wat Hij je geeft, geef je door. Dat zagen we al toen we een paar weken geleden spraken over vergeving. Waarom vergeven wij? Omdat Christus ons vergeven heeft. Datgene wat God van ons eist, geeft Hij zelf! Dit is cruciaal mensen. Het grondprobleem van onvrede in de gemeente, verwijdering tussen broers en zussen, is dat we niet goed aangesloten zijn op de bron, Jezus Christus. Ja, het is er ooit wel geweest, maar het is weggesijpeld, weggeglipt tussen de scheuren die ons vlees, onze zondige natuur en de omstandigheden hebben veroorzaakt.

Laat ik met grote nadruk hierop wijzen: leven zoals God het van ons vraagt, leven in eenheid is enkel mogelijk in Christus, via een geestelijke relatie met Hem. Ze is bovennatuurlijk van oorsprong en kan enkel worde ontvangen door mensen die bovennatuurlijk gericht zijn. Ze kan niet worden bewerkt met aardse middelen. Geen enkel mens kan leven als een christen, zonder Christus. Maar toch hoor en zie ik het zo vaak om me heen. De bekende Franse auteur en regisseur Philippe Claudel zegt in een interview van het ND: de waarden van het christendom houd ik vast, maar God zelf heb ik ter zijde geschoven. Vasthouden aan een Joods-christelijke cultuur (Wilders), dat kan niet! Of hoe vaak ontmoet ik ook christenen die erkennen bijna niet te bidden en niet te lezen in de Bijbel. Ach, dat is voor uitzonderingen…. Dat radicale hoeft voor mij niet, hoor. Liever met beide voeten op de grond…. Ik zeg het met pijn in het hart: op die manier kun je niet wandelen met de Heer. Dit is niet hoe het werkt! Je kunt niet leven als een christen, met christelijke waarden zonder Christus. Iedereen die dit wel probeert, doet aan cosmetische plastische chirurgie (plaatjes). Mensen knappen er uiterlijk misschien wel van op (alhoewel), maar het hart blijft hetzelfde. Elke methode, tip of truc buiten Christus om, waar Hij niet actief in betrokken is, is gedoemd tot knippen en plakken, lapwerk, maar bewerkt geen wezenlijke vernieuwing.

Het draait om een geestelijk, bovennatuurlijk leven, waarbij de groei en de kracht afhankelijk zijn van de relatie met de Heer. Gebed, Bijbellezen, contact met andere christenen, dat zijn de groeimiddelen die God geeft voor een leven zoals hier beschreven is. Elk ander groeimiddel is niets meer dan een cosmetische ingreep, die het hart niet werkelijk raakt. Hoe zit het met jouw hart? Wat ervaart jouw hart van de liefde, de ontferming, de genade van Jezus? Is het vol van Hem?

Daarom wijst Paulus op Jezus (vers 5). Laat de gezindheid heersen, onder u zijn, die Christus Jezus had. Let op Jezus die ons voorbeeld is om te leven zoals het behoort. Hij leefde een voorbeeldig leven, zoals beschreven in vers 2-4. Hij was God, maar beschouwde dit niet als roof (HSV), hield er niet aan vast (geen eigenbelang, geen eigendunk, vers 3). Hij gaf het vrijwillig op en werd mens, een slaaf, een gehoorzame, onderdanige slaaf, die zich vernederd heeft tot de dood, de dood aan het kruis (nederigheid, vers 3). Deze zinnen vertellen zo’n groot verhaal van Jezus die afstand deed van alles, een duizelingwekkende reis van de hemel naar de hel.

Wij worden opgeroepen om zo te leven, om eensgezind de ander boven ons zelf te plaatsen, voor anderen te gaan leven. Omdat wij dat niet doen, kwam Jezus uit zijn heerlijke hemel naar beneden. Om de straf te dragen die wij verdienen als we niet leven zoals hier beschreven. Telkens als we niet doen wat hier staat, is dat een vuistslag, een klodder spuug in het gelaat van Jezus, een spijker in zijn handen en voeten. Ik wil U niet! Ga weg, want ik leef zoals ik wil leven. Jezus ging deze duizelingwekkende reis van de hemel naar het kruis voor onze zonde. Hij leefde een voorbeeldig leven, maar niet slechts als voorbeeld, maar Hij deed dit voor ons om ons te redden, te verlossen van de dood die elk mens zonder Jezus wacht, vanwege de zonde.

We vieren zo het avondmaal. De tekenen van brood en beker. Dit deed Hij voor ons. Laat dit toch diep doordringen in je hart, alsjeblieft. Als we deze bron laten opdrogen, dan komt onze brandstof om één te zijn in gevaar. Als je afgedwaald bent van die bron, als het gewoon geworden is, als het niet meer vurig brandt, erken het en kom weer dichtbij. Laten we bidden.