Ziekenzalving

Wie heeft ooit bewust een ziekenzalving meegemaakt? Wie kent dit fenomeen niet? In de gemeentes waar ik hiervoor heb gediend was het meer gewoon, maar het riep ook vaak veel vragen op. Daarom wil ik vanmorgen aan deze instelling aandacht geven.

In onze omgeving zijn nogal wat Rooms Katholieke mensen en zij zullen dit kennen als het laatste Oliesel of Laatste zalving. Het is voor hen een sacrament dat zonden vergeeft. Dat weerspreken we als protestanten stellig. Wij geloven niet in sacramenten, maar wel in instellingen, zaken die God ons aanreikt vanuit Zijn Woord om ons te helpen in dit leven: Doop, avondmaal en dus ook deze. Maar deze is helaas verdwenen uit ons repertoire….

Laten we de twee teksten waarin het voorkomt samen lezen: Marcus 6:13 en Jac. 5:13-18

We zullen door de tekst heenlopen en zes ontdekkingen doen waardoor we een beter begrip krijgen van wat ziekenzalving is.

De eerste ontdekking zien we in vers 13 en 14. Let op het vanzelfsprekende. Moet je lijden? Ga dan bidden. Ben je blij? Ga dan lofprijzen. Ben je ziek? Roep dan de oudsten. Zo vanzelfsprekend! Waarom doen we dit niet meer zo vanzelfsprekend? Onbekendheid, ten eerste. Ten tweede de medische wereld. We hebben zoveel voor handen in de medische wereld! En dat is geweldig! Dank de Heer, daarvoor, maar het ondermijnt ons geloof in Gods bovennatuurlijke genezing wel. Want de belangrijkste reden waarom we geen ziekenzalving doen is ongeloof. We geloven eigenlijk niet dat ziekenzalving ook maar iets uitwerkt. Ik denk dat wij in onze gemeente eigenlijk nauwelijks geloof hechten aan genezing op gebed. Dat is nog weer een heel ander thema, dat ik ook nog wel eens zal oppakken, maar ik ervaar weinig geloof als het aankomt op genezing op gebed.

Maar, los van de uitkomst, laten we alsjeblieft gewoon luisteren naar Gods Woord! Gewoon gehoorzamen en geloven in wat Hij zegt.

De tweede ontdekking zien we in vers 14: laten ze hem met olie zalven. Eigenlijk is dit een bijzin. Het draait in de ziekenzalving niet om de zalving met olie, maar om gebed. Daar zullen we zo naar kijken. Maar ondanks dat het een bijzin is, het staat er wel. Wat betekent die olie? Olie was iets heel normaals in die tijd. Een dagelijks gebruikt middel dat voor van alles en nog wat werd gebruikt (lekker geurtje, bakken, genezen van wonden, offeren, iemand zalven voor een speciale taak, enz.). Net als brood en wijn en water (dagelijks gebruikt) door de Here Jezus worden gebruikt bij het avondmaal en de doop, zo ook hier de olie.

In Gods Woord zien we olie op een paar plaatsen als teken van de HG. Zach. 4:1-6 is de belangrijkste. 1 Kon. 16:13 (combinatie zalven en komst HG) en Hand. 10:38 (Jezus gezalfd met de HG). Als de HG komt, dan is er beweging, dan gebeurt er iets!
Naast het teken van de HG is het ook een teken van heiliging, aan God toewijden. In Ex. 30:23-33 zie je dat alle heilige voorwerpen en de priesters werden gezalfd met speciale zalfolie. In vers 29 lezen we dan: “U moet ze dan heiligen, zodat de allerheiligst zijn; ieder die ze aanraakt wordt heilig.” De olie is een teken van heel dichtbij God zijn, Hem toegewijd.
De olie is gewone olijfolie en is niets bijzonders. De manier waarop ik zalf is een klein beetje olie op mijn duim en dat strijk ik op het voorhoofd van de zieke. Elke oudste doet dit, overigens, want de oudsten die worden geroepen die zalven (meervoud).

De derde ontdekking lezen we in vers 14, 15, 16, 16, 17, 17 (hij bad een gebed) en 18. Zeven keer wordt het woordje gebed genoemd. Daar draait het dus ook om. In vers 15 staat iets vreemds, iets wat we nergens anders in de bijbel tegen komen. Het gelovig(e) gebed of letterlijk gebed van het geloof. Wat is dat? twee opties: Algemeen geloof in Gods genezing of specifiek geloof voor de genezing op dat moment. Het gaat te ver om hier flink over uit te wijden, maar ik geloof dat hier sprake is van het tweede. Het is waar Paulus over spreekt in 1 Kor. 12, de gave van geloof/genezing. Heel belangrijk is wat mij betreft dat je dit geloof niet kunt claimen. Het is een gegeven geloof, maar wat wij ervoor kunnen doen is ons helemaal open stellen voor dat geloof. Open je hart. Geloof is niet iets wat je kunt claimen of hebben voor altijd. Het is een vluchtig iets. Het kan je zo ontglippen. Maar het kan wel gebouwd worden, groeien. Hoe? Geloof is hetzelfde als vertrouwen. Hoe krijgt je meer vertrouwen in God? Ga veel met Hem om. In de voorbereiding van een zalving moedig ik mensen aan om veel teksten te lezen uit Gods Woord die gaan over genezing/Gods wonderen/Gods nabijheid/kracht van gebed. Zo voed je je geloof. Geloof is het kanaal waardoor Gods genezende kracht kan stromen. Maar we blijven ver van de charismatische uitglijder dat als je ziek blijft dat je geloof te klein is geweest…. Het is ontspannen, geen kramp, maar open hart en open handen. God kan dit geloof echt geven in je hart dat je zeker weet: De zieke zal genezen! Als er geloof is, zal God genezen en dit geloof geeft Hij. Wij kunnen het niet claimen of afdwingen. Dus ontspan!

De vierde ontdekking lezen we in vers 15: De zieke zal gezond worden/gered worden/opgericht worden/behouden worden. Eerst even dat woord zieke. Dat staat voor iemand die ernstig ziek is. Je hoeft niet gezalfd te worden met olie voor een verkoudheid. Maar voor ernstige ziektes waar de doktoren geen oplossingen voor hebben, daar gaat het hier om. Je hoeft daarbij nog niet op het sterfbed te liggen!
Het Griekse woord dat we hier lezen is Sozo en dat betekent redden en gezond worden. Een bijzonder woord, want het is dus zowel een geestelijke redding als een lichamelijke redding. Het is een zalving, een gebed dat zowel voor het lichaam als de geest kan werken. Beide is mogelijk en ik vraag altijd aan de zieke: waar wil je dat we voor bidden? Sommige zieken vragen enkel om geestelijke steun, anderen vragen echt om genezing voor hun lichaam. Dat is van belang, want we verwachten dat God zal geven waar we om vragen in geloof.

De vijfde ontdekking lezen we in vers 15 en 16: zonden belijden en vergeven. Zonde is in het algemeen iets waardoor God op een afstand blijft. Er is een verband tussen ziekte en zonde. Bijvoorbeeld in Marc. 2:11, de verlamde man die eerst werd vergeven en toen geneze. Maar geen absoluut verband (Joh. 9, de blinde man). Als we dus zalven met olie en God zo dichtbij uitnodigen, dan mag je ook verwachten dat eventuele zonden aan het licht komen, te binnen worden gebracht. Die zonde moet niet alleen gezocht worden bij de zieke, maar zeker ook bij de mensen die aanwezig zijn. Vaak is er een moment van stilte waarin we onszelf afvragen of er nog iets te belijden is. Niet alles hoeft hardop beleden te worden, maar het is wel goed als dit gedaan wordt. Soms kan het de zonde van ongeloof zijn, angst, maar ook heel concrete zonden als ruzie thuis, chagrijnigheid, enz.. Opnieuw willen we ver wegblijven van de charismatische uitglijder dat als er geen genezing optreedt dat er dan DUS nog zonden zouden zijn. Zonde kan genezing in de weg staan, maar het is geen vanzelfsprekendheid.

Tot slot is er de enorme bemoediging in vers 16-18: gebed vermag veel en komt van gewone mensen. Elia was een mens zoals wij, benadrukt Jacobus! Wie bidt naar de wil van God, dus bidt met geloof, zal wonderen zien. In onze gemeente zijn Truus en Herman gezalfd met olie. Truus heeft speciaal gebed gevraagd voor de ziekte van Menière. Zij is genezen. Herman heeft speciaal gebed gevraagd voor zijn psyche, zijn ziel om staande te blijven in het ziekteproces. Hij heeft een wonderlijke aanraking van God ervaren, zo dichtbij, intens. Dat gold trouwens ook voor Truus. Misschien willen ze er zelf iets over vertellen?

Hoe gaat het in zijn werk?