Hoe reageer ik op misstanden?

Een lijst van veelvoorkomende, manipulatieve uitspraken.

Vermijd onderstaande patronen

Positieve ervaringen als bewapening gebruiken:

Als er misstanden naar buiten komen, worden er vaak andere ervaringen tegenover gezet. De misstanden mogen nooit op zichzelf bestaan. Hierbij worden positieve ervaringen gebruikt, om de aandacht te weerleggen of het te doen lijken alsof de misstanden minder ernstig zijn of minder vaak voorkomen dan het lijkt. Voorbeelden:

⁃ ‘Er gaat ook veel goed’

⁃ ‘Soms werkt het wel’ / ‘Sommige jongeren worden er wel beter van’

⁃ ‘Het gaat al beter’ /  ‘We hebben al veel stappen gezet’

⁃ Anekdotisch bewijs van iemand die het tegenovergestelde heeft meegemaakt

Hulpverleners onschendbaar maken voor kritiek

Misstanden worden vaak gezien als een directe aanval op hulpverleners. De aandacht wordt verlegd naar de goedheid van de hulpverlener. Dit is in het bijzonder problematisch als de misstanden mishandeling of misbruik betreffen.. Voorbeelden:

⁃ ‘Ga er maar staan’

⁃ Hardwerkende medewerkers

⁃ ‘Iedereen werkt met hart en ziel’

⁃ ‘Niemand staat op en denkt: Ik ga vandaag het leven van een kind zuur maken.’

⁃ ‘De intenties zijn goed’

⁃ ‘Straks wil niemand meer in de hulpverlening werken’

Victim blaming

Als er misstanden naar buiten komen, wordt de oorzaak bij de jongeren (en/of hun problematiek) gelegd. Er wordt benadrukt hoe moeilijk de jongeren zijn, om hun leefomstandigheden te rechtvaardigen. Immers, als een kind ernstige gedragsproblemen heeft ‘wat moet je dan?’ Voorbeelden:

⁃ ‘De jongeren zijn zo moeilijk/complex’

⁃ ‘Je zit er niet voor je zweetvoeten’

⁃ ‘Waar rook is, is vuur’

⁃ ‘Je komt er niet zomaar’

⁃ ‘Had je je maar moeten gedragen’

⁃ ‘Je zal het er vast naar hebben gemaakt’

⁃ Uitvergroten van de problematiek van jongeren

⁃ Aan de hand van de ernstigste individuele incidenten een beeld schetsen van de gehele doelgroep

⁃ Jongeren beschrijven als ‘jongeren met ernstige gedragsproblemen.’ Het is stigmatiserend en tevens een incorrecte beschrijving van de problematiek. Door de focus op gedrag te leggen, is het makkelijker geweld naar de jongeren te rechtvaardigen

Diskwalificeren van de jongere als gesprekspartner:

Niet reageren op de inhoud, maar ingangen vinden om de jongere en diens ervaringen niet te hoeven horen. Voorbeelden:

⁃ Beweren dat de jongere uitsluitend uit eigen ervaring redeneert

⁃ Beweren dat de jongere liegt

⁃ Geloofwaardigheid in twijfel trekken: ‘‘Ik kan er niet over oordelen, want ik was er niet bij

⁃ Beweren dat de jongere gewoon aandacht zoekt

⁃ De nadruk leggen op de ervaring, perceptie of interpretatie van de jongere (vb: ‘ik vind het naar dat jij het zo ervaren hebt’)

⁃ Wegzetten als ‘emotionele jongere’

⁃ ‘De ervaring zijn al van langer geleden’ (en daarmee ongeldig)

⁃ Nadruk leggen op het gegeven dat de jongere al veel heeft meegemaakt

⁃ De stabiliteit van de jongere in twijfel trekken

⁃ De jonge leeftijd benadrukken

⁃ DSM classificaties misbruiken om het verhaal van de jongere te framen

Tone policen

Niet reageren op de inhoud, maar reageren op hoe de inhoud gepresenteerd is. In het bijzonder boosheid is ontoelaatbaar. Voorbeelden:

⁃ ‘De inhoud is goed, maar het gaat om de manier waarop’

⁃ Vragen om ‘constructiviteit’

⁃ Vragen naar ‘verbinding’ en ‘dialoog’ of klagen over ‘polarisatie’

⁃ Dit werkt ook andersom. Complimenten geven en daarmee de inhoud negeren. Voorbeeld: ‘Wat dapper dat je hierover praat.’

Externaliseren van de oorzaken

Niet reflecteren, door het probleem te weerleggen. Misstanden zijn nooit de oorzaak van individuele hulpverleners of de cultuur binnen een instelling. Het komt door:

⁃ te weinig budget

⁃ personeelstekort

⁃ tijdtekort

⁃ de overheid / overheidsbeleid

⁃ ‘het systeem’

⁃ De media is gewoon negatief

Gaslighten en bagatelliseren:

Dit is het ontkennen van iemands ervaringen, de waarheid verdraaien of de ernst minimaliseren. Voorbeelden:

⁃ ‘Dat kan niet kloppen, want…’

⁃ ‘Ik heb dat nog nooit meegemaakt, dus het is niet waar’

⁃ ‘Het was niet zo erg’

⁃ Gaten of onduidelijkheden in verhalen proberen op te vullen op een manier die voor jou logisch is

⁃ Verhullende taal (zoals de jeugdgevangenis een justitiële jeugdinrichting noemen)

Whataboutism

In dit geval wordt een ander probleem aangehaald, om de kritiek te relativeren. Zowel hulpverleners als cliënten doen dit (helaas). Voorbeelden:

⁃ ‘Er is ook geweld naar hulpverleners’

⁃ ‘In voorziening x is het erger’

Overig

⁃ Stroman (vertekenen van het standpunt). Bijvoorbeeld: ‘Jij vindt gewoon alle hulpverleners slecht’

⁃ Weerleggen van bewijslast. Bijvoorbeeld: ‘Wat is het alternatief?’

⁃ Een beroep doen op je autoriteit (vb: ‘ik heb ervoor geleerd, dus…’ of ‘ik heb 15 jaar werkervaring, daarom’)

⁃ Een vals dilemma creëren. Bijvoorbeeld: ‘Je kan ze ook niet op straat zetten’

⁃ Beklag over negatieve beeldvorming. Misstanden die níet naar buiten komen, zijn een groter problemen dan de misstanden die wel naar buiten komen. Dat jouw ego het zwaar heeft, is even niet de prioriteit.

⁃ De focus leggen op mogen leren. (Natuurlijk mag dat, maar in het geval van misstanden zijn grenzen fors overschreden. Een instelling waar kinderen mishandeld worden is niet in de leer, maar presteert onder.)

⁃ Ervaringen niet in de bredere context zien, focus leggen op het individu.

Hoe dan wel?

Reageer niet

Als je er niet in slaagt voorgaande opmerkingen te vermijden, reageer vooral niet. Wordt de wereld mooier van. Verlaat ook lekker de sector, daaggg.

Erken

Erken de misstand en de ernst ervan.

⁃ ‘Afschuwelijk!’

⁃ ‘Ik herken dit uit…’

⁃ ‘Wat erg dat dit gebeurd is.’

Reflecteer op de situatie

Komt dit in jouw werksetting ook voor? Maak je je er zelf misschien schuldig aan? Was dat bewust?

⁃ bespreek het met je collega’s

⁃ voer intervisies in

⁃ luister naar jongeren

Circle of influence

Kijk wat je binnen jouw eigen circle of influence kan doen aan de misstand. Misschien herken je niet alles, maar wel aspecten.

⁃ Als je kan helpen, bied hulp aan

⁃ Spreek je collega’s aan op wangedrag én op bovenstaande denkpatronen

⁃ Bied je excuus aan, als je jongeren (of collega’s) hebt geschaad

Negatieve invloeden

Als je ervaart dat externe factoren het werk bemoeilijken, kaart deze factoren vooral aan.

⁃ Doe dat op tijd. Als er misstanden naar buiten komen, reageer je offensief en reactief. Heb je alleen last van belemmerende factoren als er misstanden naar buiten komen?

⁃ Wees ook redelijk. Externe factoren zijn niet verantwoordelijk voor kindermisbruik of kindermishandeling. Onttrek professionals niet aan hun verantwoordelijkheid.

⁃ Spreek de juiste personen aan. Als je lijdt onder geld- of tijdtekort, dan zijn dat gesprekken die je moet voeren met de gemeenten, het rijk en/of politici.

⁃ Demonstreer.

Waardering

Als je vindt dat je te weinig waardering krijgt, zorg dat je dit zoekt bij de juiste personen. Niet bij jongeren die door de zorg beschadigd zijn. Zoek het bij de GI’s, je bestuurder of je collega’s.

Positieve uitlatingen over hulpverlening

Pas op dat je de positieve ervaring niet gebruikt als wapen. Twee tips:

⁃ Benoem het NIET in reactie op het trauma van een ander. Dat er ergens iets goed gaat, maakt het niet acceptabel dat er ergens anders (of met iemand anders) iets finaal misgaat. Als je een positieve ervaring wil delen, maak er een aparte post van, zonder relatie met een misstand.

⁃ ‘Ja, maar’ is invaliderend.

⁃ Soms kan het helpen een positieve ervaring te benoemen, omdat het nieuwe informatie toevoegt. Dit kan verklaren waarom er bij de één een misstand plaatsvond en bij de ander niet. Gebruik de ervaring niet om de negatieve ervaring te bagatelliseren, maar om … Erken de misstand. Voeg informatie toe. Bijvoorbeeld: ‘Wat erg dat kinderen dagelijks 22 uur alleen opgesloten waren. Bij ons gebruiken wij inmiddels al een aantal jaar de isoleercel niet meer. Deze factoren waren helpend…’

Aanvullend: Ik weet niet wanneer jullie voor het laatst over cognitieve dissonantie lazen, maar het lijkt een forse beroepskwaal. Herhaal even de oude lesstof.

Jongeren zouden niet mogen lijden onder jullie zelfbescherming.

Oefenen met bovenstaande stof?

Klik op de onderstaande video. Hierin wordt bestuurder van iHUB, Lieke van Domburgh, bevraagd over de misstanden op de ZIKOS-afdelingen. Hoeveel manipulatieve uitspraken vind jij?

https://x.com/Nieuwsuur/status/1767302869336637571