Jezus en thermometer-christenen

Ik heb mijn preek genoemd: Jezus en de thermometer-christen. In eerste instantie wilde ik het ‘Jezus en de Kameleon-christen’ noemen. Maar door diepgravend wetenschappelijk onderzoek, bleek dit niet haalbaar. Ik zal in het kort uitleggen wat ik bedoel: Een thermometer-christen is iemand die zegt christen te zijn, maar past zich telkens aan de omgeving aan en verliest Jezus uit het oog. Het is iemand die zegt in Jezus te geloven, maar die telkens de temperatuur van de omgeving ‘meet’ en zich daaraan aanpast en zo Jezus uit het oog verliest. Ik dacht in eerste instantie dat dit het kenmerk is van een kameleon. Die verandert van kleur om zich aan te passen aan zijn omgeving. Dachten wetenschapper lange tijd…. Echter, dit is niet zo. Ze veranderen van kleur vanwege de hitte (zwarter als het koud is, bijvoorbeeld); bij emoties (bedreiging, boosheid, angst, opgewonden). Dus hoewel kameleon-christen natuurlijk veel beter bekt, moest ik mijn thema aanpassen tot thermometer-christen. Geen probleem, uiteraard, want de boodschap blijft hetzelfde.

Hoe gaat Jezus om met thermometer-christenen? Dat is mijn hoofdvraag. Eerst de tekst waaruit we ons thema halen: Openb. 3:14-22.

De gemeente in Laodicea was een gemeente vol thermometer-christenen: christenen die de temperatuur van de omgeving overnemen en zo Jezus uit het oog verliezen. Waar hebben we het over? Wat voor kenmerken zien we in de gemeente in Laodicea zodat we spreken over thermometer-christenen? Laodicea (kaartje). Al de steden die we gezien hebben in West Turkije de afgelopen weken, waren over het algemeen rijk en welvarend, maar Laodicea spande de kroon. Gelegen aan een knooppunt van wegen, ontstond een rijke stad. De stad stond bekend om haar bankiers. Veel mensen stalden hun geld of namen hier hun geld op. Ze was ook rijk geworden vanwege de kledingindustrie. Ze hadden in die omgeving zwarte schapen rondlopen en hun zwarte wol werd ongekleurd gebruikt voor de kleding. Zwart was de mode in Laodicea. En de stad stond bekend om haar medische kennis en vaardigheden. Wat ze onder andere hadden was frygisch poeder/zalf voor de ogen…. Een rijke, welvarende, trotse stad (plaatjes op scherm). Toen er in 60 AD een aardbeving plaatsvond in de buurt van Laodicea en een groot deel van de stad werd verwoest, wilde Rome te hulp komen met geld en middelen, maar de stad zei: nee hoor, niet nodig! Wij redden ons zelf wel. Een onafhankelijke, zelfvoorzienende stad, trots op zichzelf en haar vaardigheden.

En zoals we al meer gezien hebben in de vorige brieven van Openbaring 2 en 3, zien we dat de christenen gaan lijken op bepaalde kenmerken van de stad. Ze nemen de temperatuur over van de stad en gaan in hun geestelijk leven op hen lijken. Jezus is nergens zo negatief als richting deze gemeente. Overal is ook wel iets goeds op te merken, maar hier hoor je niets positiefs. De christenen in Laodicea, of zij die zich zo noemen, zijn onherkenbaar geworden. Niets lijkt hen nog te onderscheiden van de niet-christenen in hun stad. Ze hebben zich volledig aangepast aan de wereld om hen heen en hun getuigenis in woord of daad is krachteloos. Waarom zeg ik dit? Twee redenen:

Ten eerste vers 15 en 16: Ik ken uw werken, en weet dat u niet koud en niet heet bent! Was u maar koud of heet! Maar omdat u lauw bent, zal Ik u uit mijn mond spuwen. Deze uitspraak kennen veel bijbellezers wel. Het plaatje is heel scherp: een misselijke Jezus als Hij de inhoud van het geestelijke leven proeft bij deze christenen. Maar wat bedoelt Jezus hier nu mee? Lauwe christenen. Jezus zegt: was je maar heet of koud! Veel uitleggers verklaren dit door te zeggen: heet of koud heeft te maken met je afstand tot Jezus: heet: vol vuur en passie; koud: geen christen…. Liever geen christen, liever koud, dan lauw. Ik geloof echter dat Jezus dat nooit bedoeld kan hebben. Waarschijnlijker is het dat Jezus hiermee verwijst naar de watervoorziening in de stad. Naast de voordelen van de stad, waardoor ze rijk was geworden, was er één nadeel: de watervoorziening. Er was geen natuurlijke waterbron in de dichte nabijheid. Ze moesten het water elders vandaan halen. Er waren twee mogelijkheden die ook allebei gebruikt zijn: een warmwaterbron in de buurt van Hiërapolis en een koud-waterbron in Kolosse. Met behulp van ingenieuze aquaducten werd het water getransporteerd naar de stad. Het grote nadeel van beide was dat in het ene geval het water koud werd, lauw, en in het andere dat het opwarmde en lauw werd…. Voor wie ooit op een hete dag geprobeerd heeft om lauw water te drinken, weet dat dit niet te drinken is. Lauw water op de nuchtere maag…. Bah! De christenen in Laodicea waren net als het water in de stad, lauw. Het is misselijkmakend, maar vooral omdat het niet meer doet waarvoor het bedoeld is: koud water is bedoeld voor verfrissing; warm water is bedoeld voor herstel van krachten en zelfs voor herstel van ziekten. Hun daden, hun getuigenis was lauw geworden, zonder invloed, zonder impact, zouteloos. Niet omdat ze niets deden, maar vooral omdat ze het deden zonder Jezus. Van de buitenkant kun je dat niet zien…. Dat is het lastige! Ze waren gelijk geworden aan hun omgeving en vandaar: thermometer-christenen: volledig opgegaan in hun omgeving en Jezus waren ze volledig kwijt.

De tweede reden waarom ik hen thermometer-christenen noem, komt uit vers 17, 18: daarin lezen we hoe Jezus hen beschrijft: Jullie zeggen: ik ben rijk, en steeds rijker geworden, ik heb aan niets gebrek. Zij spraken net als de stad zelf: trots, zelfvoorzienend, onafhankelijk. Een gemeente die aan de buitenkant mooi was, levend, rijk, vol leven en activiteiten. Een gemeente waar je U tegen zegt. Dat beeld hadden ze ook van zichzelf: we hebben alles wat we nodig hebben, hebben aan niets gebrek, zijn helemaal zelfvoorzienend. Maar Jezus confronteert hen scherp: Jullie weten niet dat je juist ellendig, beklagenswaardig, arm, blind en naakt bent…. Onvoorstelbaar dat een gemeente, dat christenen, zo blind kunnen worden en volledig hun wortel zijn kwijt geraakt. Arm, blind en naakt. Deze zaken hebben precies te maken met de drie zaken waardoor de stad Laodicea zo rijk geworden was: rijkdom door de banken, kleding door de zwarte wol, de medische wereld en met name de ogenzalf/poeder…. De christenen zijn volledig met hen meegegaan en gelijk geworden aan de stad en zijn zo een thermometer-christen geworden, volledig aangepast aan hun omgevingstemperatuur.

Waar moet je dan aan denken als je dit zou toepassen in onze tijd? Mensen die misschien al jarenlang zeggen christen te zijn, maar die bijvoorbeeld nooit iets van hun christen zijn durven laten horen of zien. Die uit angst de temperatuur van de omgeving aannemen en nooit het geluid van Jezus laten horen. Die hun principes zomaar opgeven, als de wereld om hen heen ook zo doet. Mensen die door de hang naar succes en carrièredrang, langzamerhand hun positie op de maatschappelijke ladder belangrijker vonden dan Jezus. Mensen die een bepaalde gave hebben, een bepaald beroep en daarin totaal zonder Jezus leven, Hem er niet bij betrekken, want ik kan het zelf wel. Daar heb ik Jezus niet bij nodig. Leven zonder gebed…. Niet dat ze dat expliciet zeggen, natuurlijk, maar zo leven ze wel. Mensen die bijvoorbeeld zo opgaan in onze cultuur van de mode. Steeds maar weer de nieuwste kleren, schoenen, maar helemaal niet Jezus daarbij betrekken. Zogenaamde christenen, die helemaal Christus niet meer volgen, niet meer liefhebben. Misschien wel elke zondag in de kerk zitten, meedoen met allerlei activiteiten, maar Hem in het dagelijkse leven niet betrekken…. Veel van de voorbeelden die ik noemde, zijn an sich niet fout, geen zonde, maar ze worden langzamerhand zonde, omdat ze de eerste plaats van Jezus innemen…. Zo wordt je zouteloos, krachteloos, niet te onderscheiden van de omgeving, een thermometer-christen!

En Jezus? Wat is zijn reactie? Hij wordt misselijk van hen, maar Hij houdt van hen! Ja, Hij gebruikt scherpe worden, maar in vers 19 lezen we heel duidelijk dat die woorden niet gesproken worden op een afstand, maar vanuit een hart vol liefde! Ik wijs juist de mensen die Ik liefheb terecht en juist hen onderwijs Ik. Omdat Jezus je belangrijk vindt, je lief heeft, daarom steekt Hij zoveel energie in je om je terug te roepen. Zoals de beste sporters worden omgeven door de beste coaches, maar zij zijn soms bikkelhard! Getraind moet er worden, anders wordt je nooit beter, ontwikkel je je nooit. De toon is dus niet die van keiharde op afstand staande schoolmeester, maar die van een gekwetste ouder/minnaar. Dus niet: Ik spuw jullie uit! Maar: Ik spuw jullie uit…. En in vers 20: kijk dan, toch, Ik sta aan de deur en Ik klop. Ongelofelijk: de gastheer is buitengesloten…. Hij eist die plek niet weer op, maar klopt aan en wacht tot er open gedaan wordt. Wat een liefde. In die tijd waren de Romeinen de baas en soldaten mochten zonder pardon zomaar bij een huis aankloppen en binnenstormen om daar te overnachten… Dat beeld kenden ze: Jezus is veel groter en belangrijker dan die soldaten, maar Hij wacht tot er open gedaan wordt…. Wat een liefde.

Als er dan opengedaan wordt, dan gebeurt er iets fantastisch: een maaltijd. Hét teken van intimiteit, vriendschap, verbondenheid. Je wordt weer helemaal omarmd, helemaal hersteld in de relatie. Van alle beloften in de brieven, is dit misschien wel de meest intieme van allemaal. Lees ze nog maar eens door thuis, dan zie je hoe groot deze belofte is. Jezus liefde voor mensen die afgegleden zijn, is zo ontzettend groot.

Iedereen weet dondersgoed of ie vol is van Jezus of dat ie wat aan de rand bungelt. Dat hoef ik je niet te zeggen. Al zijn er mensen die zich inderdaad rijk wanen, maar die het totaal niet doorhebben. Zo blind voor hun eigen geestelijke leven…. Wordt wakker, alsjeblieft! Doe je ogen open en bekeer je! Richt je weer op Jezus en open de deur weer voor Hem en vier de maaltijd met Hem. Jij doet de deur open en nodigt Hem binnen, maar Hij neemt de rol van gastheer over en zit de maaltijd voor. Ik met Hem en hij met Mij: De rollen worden omgedraaid. Hij neemt de leiding en zo is het bedoeld. Zo is het christenleven bedoeld: Hij aan het roer, dan kun je veranderen van een thermometer-christen in een thermostaat-christen. Niet meer meegaan met de temperatuur, maar iemand die de temperatuur aangeeft en bepaald. Niet omdat jij zo goed bent, maar omdat Jezus echt in je leeft!

Onderzoek jezelf, alsjeblieft goed: Ben ik werkelijk iemand die leeft voor Jezus of hebben andere zaken de prioriteit gekregen boven Hem? Wees geen thermometer-christen, maar wordt een thermostaat-christen.