Dit jaar 2017 is de tijdelijke tentoonstelling in het Visserijmuseum Breskens, navigatie instrumenten.

“Stuurman waar zijn we” 

De tentoonstelling is  gemaakt  met  ondermeer objecten

uit de verzameling van Drs. Ing. Marc Esmé De Cocker.

De Vaarsimulator met diverse schermen & instrumenten is om een schip te leren besturen, Deze simulator zoals in het museum wordt ook gebruikt op maritieme scholen om de kunst van het navigeren op zee aan te leren.

vaarsimulator.jpg

Stuurwiel is om het roer te bedienen en in een bepaalde stand te zetten. Naar bakboord (links) in het  midden of  stuurboord (rechts). De verbinding van stuurwiel naar  roer was divers,  met touw / ketting en stangen of staaldraad en soms ook hydraulisch. stuurwiel.jpg

De telegraaf met standje “vol vooruit / slow /  stop /  slow / vol achteruit“ verzorgde de signaal verbinding met de machinekamer. De machinist beneden bediende de voortstuwings machine handmatig.

telegraaf.jpg

Sextant hiermee werd in het verleden bij een onbewolkte hemel, meestal 's middags om 12u plaatselijke tijd de lengte gr.(longitude) en breedte gr. (latitude) bepaald om de positie van het schip te bepalen op de wereldbol d.m.v. een hoogtemeting van de zon boven de horizon. (de zon schieten).

DSC00528.jpg

Een dieptelood of peillood is een in de huidige tijd verouderd instrument dat gebruikt werd om de diepte van het water en de bodemsoort te bepalen. In de loop van de twintigste eeuw is er een elektronisch echolood voor in de plaats gekomen.

 dieplood.jpg

Met een passer kan men de afstand meten op de zijkant van de zeekaart. 1 graad wordt onderverdeeld in 60 minuten, een minuut wordt onderverdeeld in 60 seconden. Een minuut op de  grootcirkel komt overeen met 1852 m = 1 zeemijl .

DSC00519.jpg

Het kompasroos heeft 32 windstreken verdeeld over een 360gr. cirkel. 1 streek is 11.25gr. Met behulp van een schuifliniaal of 2 driehoeken kan men een koerslijn van  een zeekaart met kompasroos omzetten in een kompaskoers.

kompasroos.jpg

Bij een magnetisch kompas, moet rekening worden gehouden met de afwijking tussen het magnetische noorden en het ware noorden, variatie genoemd en deviatie, de invloed van een stalen schip op het kompas.

kompas.jpg

Radio peiltoestel in combinatie met radio peilontvanger werd vroeger veel aan boord van zeeschepen gebruikt. Door kruispeilingen te nemen kon men de positie bepalen en in kaart zetten. Nu compleet uit de tijd, eerst verdrongen door DECCA en LoranC en daarna door GPS. Desondanks waren RDF's tot februari 1999 verplicht aan boord van NL zeeschepen.

richtingzoeker.jpg

De peilontvanger werd gebruikt als navigatie instrument. Men kon vanuit de radiohut  radiobakens peilen en in kaart zetten, teneinde de positie te bepalen. In noodgevallen kon een in nood verkerende schip een peilstreep uitzenden op de noodfrequentie (2182 kHz), de te hulp komende schepen konden dit signaal recht vooruit peilen  en werden zo in de richting geleid.

radiopeiltoestel.jpg

Radio_navigatiesysteem_Consol werd ontwikkeld door Duitsland tijdens  2e W-oorlog onder de naam Elektra Sonne, het was een systeem voor de lange afstand navigatie, op een gewone radio ontvanger kon men de uitgezonden tekens (punten & strepen) ontvangen, eind ‘40 en ‘50 jaren in gebruik bij de visserij. Bij Petten (NL) was ook een station op  481khz. Stavanger met code LEC op 319khz  is in de lucht gebleven tot 1991.

consol2.jpg

Decca was een hyperbolisch radio navigatiesysteem dat werkte op basis van radiogolven in het middenfrequent gebied. Het systeem werd gebruikt voor kustnavigatie in de scheepvaart. Is in gebruik genomen aan het einde van de Tweede Wereldoorlog, vlak voor D-Day, in 2000 is decca buiten gebruik gesteld.

Image1.jpg

Dit is slechts een kleine greep uit de aanwezige navigatie instrumenten

 en andere maritieme zaken op de 850 m2 van  museumbreskens.nl